Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

GVERD0030_0031_11442 - De taak van de exorcist

Een sage (mondeling), vrijdag 15 februari 2002

Hoofdtekst

O: Er zijn nog officiële exorcisten. Kijk, nu is dat zo: tot voor Annelise Michel was er in heel West Europa geen enkele exorcist meer te vinden in geen enkel bisdom. Omdat in de publieke opinie het begrip ‘duivel’, ‘bezetenheid’,’spoken’ en zo meer was geklasseerd. En dan, dus tot ’75 zullen we zeggen, is er geen enkel bisdom dat zich daar nog heeft mee bezig gehouden. Ja, goed, duivel en spook enzomeer, dat hebt ge niet voor het grijpen en ik kan me best voorstellen dat er periodes zijn dat dat zeer hoog ligt en periodes dat dat zeer laag ligt. G: Ja.O: Hé, dat zult gij ook ervaren met uw verhalen die ge tegenkomt. En dus in de tijd van Annelise Michel bestond in haar bisdom geen exorcist. Er bestond hier in Hasselt… er bestond nergens nog een exorcist. Dus dat wil zeggen een priester, officieel gemandateerd door het bisdom om in geval van bezetenheid…er bestaan formules, ik heb hier een boek met officiële formules in.G: uhuh.O: Er zijn nog andere boeken met nog andere formules. En die gebeden, die officiële gebeden zijn nog in het Latijn en ik heb eens de toelating gehad voor die regentes, die had dat zelf aan de bisschop gevraagd of ik, en ik heb daar nog een Bruine Pater uit Hasselt bijgehaald, om met twee de zaak te doen, of hij die gebeden, die officiële gebeden…daarvoor moet rechtstreeks toelating gegeven worden door de bisschop. Maar dees …[de informant wijst naar het boek dat hij me daarnet heeft laten zien om te gebruiken bij kinderen van wie de oma vraagt aan de informant of het zou kunnen dat het kind is aangeraakt door de ‘kwade hand’]…dat mag iedereen, dat mag ik ook zonder speciale toelating en zo meer. G: En dat boek, dat hebt ge gekregen van iemand?O: Welk boek?G: Het groene. [Dat is het boek met de gebeden in waarvoor geen toestemming van de bisschop nodig is]O: Het groene, ja dat heb ik van een vrouwke van Voort gekregen.G: Dus daarvoor waart ge daar niet zo mee bezig, of ben ik daar mis?O: Nee, toen was ik daar eigenlijk niet zo erg mee bezig, maar, kijk, ik ben dan wel met het begrip ‘duivel’ ben ik heel sterk bezig geweest van de jaren ’50. Ik ben priester gewijd in ’52 en ik moet zeggen als ge nu een priester vraagt of hij gelooft in de duivel, die zal antwoorden: ‘Laat me gerust’. Die zal daar niet diep op ingaan. Dat was mijn houding voor ’50 ook. Goed, dat zal wel ergens bestaan, maar ik geloof daar niet teveel in.

Beschrijving

Als de mensen bezeten waren door de duivel, gingen ze bij de pastoor te rade. De geestelijke moest speciale toestemming vragen aan de bisschop om gebeden te mogen lezen die de duivel verdreven.

Bron

G. Verdickt, Leuven, 2002

Commentaar

3.1 Duivels
limburgs (zuiden)
B10
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Borgloon    Borgloon