Hoofdtekst
Godelieve was van Franse afkomste. Bertolf trouwde domee. Die moeder wilde do nie van weten, van e Fraanse. Bertolf gieng no Brugge, den avend van under trouw. J’et d’er noait bie geslapen. Bertolf trouwde met ’n aander. Z’aan zieder e kiend, Edith, mo da was blend. Z’èn ton under toevlucht genomen toe Goedelieve. Da kiend is were ziende geworden mè woater van ’t pitje. Godelieve was dorin gewurgd. Bertolf èt hem ton bekeerd en j’is poater geworden.Godelieve gaf oltied eten an d’oarme menschen. Ze wier ipgesloten. Ze gienk e kir eten in heur schorte gon dragen. Die moeder betrapte heur. Ze moeste heur schorte togen, da woaren ol hoetspoanders. Ze noaide ’n hemde zoender noad voe Bertolf.
Beschrijving
Een man trouwde met een vrouw van Franstalige afkomst, hoewel zijn moeder zich tegen het huwelijk verzette. Die Franse vrouw gaf altijd eten aan de arme mensen en werd daarvoor opgesloten. Toen de vrouw op een dag weer voedsel naar de armen bracht, werd ze betrapt door de moeder van haar toekomstige echtgenoot. De vrouw deed haar schort open, maar daarin lagen alleen maar houtspaanders. Die vrouw kon ook een hemd zonder naad naaien.
Het huwelijk tussen de Franse vrouw en de man heeft maar een dag stand gehouden. De vrouw verdronk in een waterput en de man trouwde met iemand anders. Toen het kind van die man en zijn tweede echtgenote blind bleek te zijn, ging men naar de waterput waarin de Franse vrouw was verdronken. Door dat water kon het kind weer zien.
Het huwelijk tussen de Franse vrouw en de man heeft maar een dag stand gehouden. De vrouw verdronk in een waterput en de man trouwde met iemand anders. Toen het kind van die man en zijn tweede echtgenote blind bleek te zijn, ging men naar de waterput waarin de Franse vrouw was verdronken. Door dat water kon het kind weer zien.
Bron
M.-R. Nijsters, Leuven, 1969
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (nw van houtland)
28.5
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Frans   
Franstalig   
Naam Locatie in Tekst
Gistel   
