Hoofdtekst
mam Fin en ich, we wôren es in Velm; en we zôgen ene man; en man Fin zei: "Djee zult oos wel mineime". "Da denkdje", zeit er. "Wel, ich wens da g’oere nek kapot valt", zei mam Fin; en hem was mo e bitche vedder, dô valt hem van zene wôge; en hem hei mônde lang gebrekkig gelege.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Toen Caroline en Fin in Velm waren, zagen ze een man tot wie Fin sprak: "Jij zal ons wel meenemen". Daarop antwoordde de man: "Dat had je gedacht!" Fin reageerde heftig: "Ik wens dat je je nek breekt!" Wat verderop viel de man van zijn wagen.
Bron
A. Abeels, Leuven, 1965
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (sint-truiden)
404
memoraat
Naam Overig in Tekst
Caroline
Fin
Fin
Naam Locatie in Tekst
Sint-Truiden   
Plaats van Handelen
Velm   
