Hoofdtekst
15: Ja, mijn jongje, wat moet ik daarvan allemaal zeggen nu?X: Wel ja, lijk van de bende van Pollet, heb je daarvan nog gehoord?15: Godverdomme, ik heb het, ik heb het. Ik heb het en je zult hem zien, ik heb dat.X: Is het waar?Y: Maar je kan daarover ook vertellen?15: Ja, een beetje, een beetje, niet veel, een beetje zo. Waar is het… Ik heb het verzameld. Kijk, onderzoek dat eens. (krantenknipsels). Hij zit daarin, in het gazetje.X: Hier?Y: Alles zeker, alles ja.15: Dat is allemaal iets… Dat is, dat is oud.Y: Dat is oud ja, je ziet dat hé.15: Dat is… ik ben daar ook in portret.X: Ah ja, is dat al lang geleden?15: Wel, ik kan dat niet meer juist zeggen. Ah nee, het is nog maar veertien dagen.Y: Dat?15: Dat ik het gekregen heb, allez, dat ik het uitgesneden heb… (tegen mijn vader) Is dat jullie jongste?Y: Nee, neenee, de hoeveelste ben jij? De vijfde?X: De vijfde.Y: Maar het is hier zeker dat…15: Het is daar.Y: Ik denk dat het dat hier is.15: Kijk, de koppen zijn daar.Y: Ja, de koppen.15: Kijk. (onverstaanbaar) Die mensen hebben gewrocht (geopereerd) op de Provense weg; ik was bezig met vogelnesten zoeken.Y: Ja.15: En ze vroegen of ze op de weg waren om naar Proven te gaan.X: ah ja.15: Ik kan maar dat zeggen.Y: Maar je hebt nog veel horen vertellen erover.15: Wel, ja.Y: Van inbraken en van al wat ze deden.15: Wel, meneer de ontvanger, in een bepaalde zin ja, veel? Ze hebben dan ingebroken…Y: Je hebt dinge gekend van Poperinge, daar, hoe heet hij weer?X: Lapar.15: Lapar, maar godver…X: Je hebt die gekend?15: Alleman heeft hem gekend.Y: Ja, alleman kende hem.15: Maar hij heeft zo nooit…Y: Hij was zo een beetje meeloper zo.15: Hij was zo een beetje uitzoeker.Y: Uitzoeker, ja ja.X: Om plaatsen te vinden?Y: Ja, en kijken… waken tegen dat ze terugkwamen.15: Wel, een beetje zo spionachtig, gow, we gaan het zo zeggen hé. Zulke dingen… kijk, je bekijkt dat eens.Y: Abel Pollet, August Pollet, er was nog een Deroo bij ook, het was geen familie?15: Nee, neenee. Wel…Y: Je weet dat al niet hé, en Canut Vromant.X: Ja, die anderen hebben ze niet gedood hé, Lapar heeft in de gevangenis gezeten zeker?15: Lapar heeft in de gevangenis gezeten. En die mensen… dat was ergens rond het Jagershof (Bankelindeweg), in het bos en die man had zwijntjes geleverd.X: Ja.15: En ze zijn daar binnengegaan en ze hebben het gepakt. En die man is gestorven daarvan.X: Ja? Ze hebben hem vermoord dan?15: In zekere zin, ja. Maar het vrouwtje is in het Gasthuis geraakt in Poperinge, ook een beetje… Ja, maar ik was toen nog maar tien jaar oud en ik ben nu op mijn vierentachtig. Het is al een week of drie geleden hé.X: Ja, het is al lang geleden hé, het is van het begin van deze eeuw.15: Ik geloof dat ik toen tien jaar oud was, ik was daar bezig met vogelnesten zoeken, langs de Provense weg.X: Ja.15: Tussen het Couthof en ’t Hoge. Ja. En zo, zulke dingen … ja, gow. (onverstaanbare zin). Het vrouwtje deed dat … deed dat, zij sneed dat uit en zij legde dat weg. De ongelukken uit de andere oorlog, die verongelukt zijn in Poperinge, ze heeft dat ook allemaal weggelegd.X: Ja.15: Ja. Van de andere oorlog, ’14-’18 hé. Ja. En zo…X: En eh, van die andere bende, van Bakelandt, heb je daarvan nog gehoord?15: Van Bakelandt? Ja, ja, ik heb daar ook nog over horen vertellen.X: Waren dat er ook van hier?15: Dat waren ook… dat zijn ook Fransmannen hé.X: Wat?15: Dat zijn Franse mensen.Y: Fransen?X: Hier … van de bende van Pollet.Y: Dat waren allemaal Fransen?15: Dat waren Fransen.Y: Het waren er geen van hier?15: Nee.Y: Gow, zij, ze waren van ginder over de schreve.15: Nee, maar er was hier ook een vrouwmens bij het station, waar ze zwijnen leverden.X: Ja.15: En dat vrouwmens zei dat.Y: Ah ja.15: Tegen die mannen.Y: Ja, wie er zwijnen verkocht had.15: Wie er dat verkocht had en dan, ja, ze gingen gaan kijken. En ze zijn hier ook gekomen bij Né Cappelaere, en ze zijn daar niet welgekomen geweest.Y: Ja? Ja?15: Ze hebben daar niet … toch, ze hebben daar goudwerk gepakt. Ja, dat is ook (onverstaanbaar) zeker, het was al tesamen niets, waar was er dan iets? Niets.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
Een man die vogelnesten aan het zoeken was, werd aangesproken door de leden van de bende van Pollet, die vroegen of ze op de weg naar Proven waren. In Poperinge woonde een zekere Lapar, die ook lid was van de bende. Lapar was eerder een 'meeloper', die overal de wacht moest houden wanneer de rovers een inbraak pleegde. Hij werd niet gedood, maar heeft wel lang in de gevangenis gezeten.
Op een dag had een man die in de buurt van de Bankelindeweg woonde, ergens varkens geleverd. De rovers hebben die man overvallen voor zijn geld. De man werd vermoord, maar zijn vrouw is nog tot bij het ziekenhuis geraakt.
De leden van de bende van Bakelandt kwamen uit Frankrijk. Bij het station woonde een vrouw die aan de rovers vertelde welke boeren varkens hadden verkocht en dus geld in huis hadden.
Op een dag had een man die in de buurt van de Bankelindeweg woonde, ergens varkens geleverd. De rovers hebben die man overvallen voor zijn geld. De man werd vermoord, maar zijn vrouw is nog tot bij het ziekenhuis geraakt.
De leden van de bende van Bakelandt kwamen uit Frankrijk. Bij het station woonde een vrouw die aan de rovers vertelde welke boeren varkens hadden verkocht en dus geld in huis hadden.
Bron
M. Sohier, Leuven, 1982
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (poperinge)west-vlaams (poperinge)
15A
1997
memoraat
Naam Overig in Tekst
Lapar   
Baekeland (bende van)   
bende van Baekeland   
Naam Locatie in Tekst
Poperinge   
Plaats van Handelen
Proven   
Frankrijk   
Bakelindeweg (Poperinge)   
