Hoofdtekst
Dat was diep in de Kempen, en dat waren drie gebrürs (= gebroeders). Ze moesten van e ver neefke e schoon kasteel ereven, met schoon schouwen; mè op een conditie: ze moesten doa alle drie slapen gaan. De joste (= eerste), - die hiet Isidoor -, die was nogal kloek en hennig (= handig) in alles, die was jos voor slapen te gaan want die dat dors(t), had het kasteel. Om klokslag twalef uren, middernach(t) hoorter e gerinkel in de hol(le) schouw en een beetje terna viel ene voet door de hol(le) schouw af... en die ging lopen. De tweede - dat was Theofiel - ging terna. En om klokslag twalef uren viel doa weer ene voet af. De joste en den tweede vertellen dat tegen de derde, en die zei toen: 'dan zijt zje allebei toch maar gauw-schrikhebbers!' Die derde, die hiet William, en he zei: 'ich zal dat eens gaan afwachten!' Om twalef uren hoort er weer e gerinkel en ee beetje terna komt ene kop van e geraamten af. Toen komt zijne romp af tot aan zijn buik. Doanoa kwamen twee ärem (= armen) af, één per één, allemaal door die hol(le) schouw af. Toen zij(n) voders (= verder) lichaam, toen zijn twee billen, en toen zijn been (= benen) met twee vüt (= voeten). 'Ochot, ochot, nu blijf ich t' raan!' dacht er. En op ene vloek sprong dat geraamte ineen en het pak(t) enen aa(= oude) stoel en het zet hem dal (= zich neer). 'Nu ben ich dood' dach(t) den andere, mè terwijl was dat geraamte een 't koa(r)tspelen geraak(t) en William pak(t) ook ene stoel, en he zet hem (= zich) neven het geraamte en he speelde ook met de koat (= kaarten).
Onderwerp
SINSAG 0477 - Begegnung mit Geistern.   
Beschrijving
Drie broers uit de Kempen konden van een verre neef een mooi kasteel erven. Diegene die het aandurfde om in het kasteel te overnachten, werd de erfgenaam. De eerste die in het kasteel ging slapen, was Isidoor. Toen er om middernacht echter een voet uit de schoorsteen viel, vluchtte hij naar huis. Hetzelfde gebeurde de volgende nacht met Theofiel. William ging als laatste een poging wagen. Die nacht vielen er een romp, twee armen, twee billen, twee benen en twee voeten uit de schoorsteen. In een mum van tijd veranderden de beenderen in een volledig geraamte dat rechtop stond. Het spook nam een stoel, ging zitten en begon met de kaarten te spelen. William was doodsbang. Toen hij zijn angst onder controle had, schoof hij een stoel bij en speelde een kaartspel met het geraamte.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (tongeren en omstreken)
493
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Theofiel   
William   
Isidoor   
Naam Locatie in Tekst
Tongeren   
Plaats van Handelen
Kempen   
