Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

TBERG0165_0165_22031

Een sage (mondeling), zondag 16 februari 2003

Hoofdtekst

32A Allé, ze was dan klein. En die vrouw, als ik buiten kwam, die zei altijd: "Maar jij hebt toch een braaf kind, jij hebt toch een braaf kind." Maar wij verhuisden, want wij woonden in een rijwoning zo. En wij verhuisden en ze werd ziek. En goed ziek altijd. Ja, we dachten dat ze doodging, dat we ze moesten afgeven.x Ja.32A Want dan ben ik daarmee geweest. Ja, die versmacht daar niet in, maar dat was altijd zo hoesten en overgeven, ja. En dat heeft een hele tijd geduurd, altijd die doktoors (doktoren). Alle nachten bijna dat die wijt (bijna) weg was. En dan is mijn man naar Tongerlo gereden op een moment. Maar dat is een hele tijd na datum. En dan, als die zo omtrent, dat ik peisde (dahct): "Hij is hij is in Tongerlo." Was ze bekan (bijna) weg en ik moest die vastpakken en schudden en alles. En een beetje daarachter kwam hij terug en ze was genezen. Die is niet ziek meer geweest. Maar wij… Want dat heeft veel geld gekost, ah ja, we moesten altijd die doktoor daar voor halen. En daarmee, ze zeiden ons: "Ja, dat is een vieze." Maar omdat wij dat toen meegemaakt hebben, denken wij wel dat dat was. Dat kan toch niet anders. x En werden daar nog verhalen van verteld?32A Nee. Ja, ze ging wel arige (vreemde) dingen vertellen tegen de mensen. Wij woonden daar nog niet lang en dan begon ze tegen de mensen arige dingen te vertellen over ons. En ze kende ons nog niet zelf.x Ja.32A Anders hebben wij daar nooit geen last mee gehad. Ze zeiden: "Dat is precies dat er muizen in de muur zitten." Omdat ze met haar wieg zo sjobbelde (bewoog).x Ja.32 En dat was altijd tegen die plintjes, maar dat was een brave toen. Maar die zal die braaf gehouden hebben door niks…x Ja.32A Maar anders, ik… Ja, meer weet ik er eigenlijk niet van.

Onderwerp

SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste    SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   

Beschrijving

Een vrouw die met haar kind naar buiten ging, kwam altijd haar buurvrouw tegen, die zei: "Jij hebt toch een braaf kind!" Toen de vrouw daarna verhuisde, werd het kind doodziek. Het kindje moest altijd hoesten en overgeven. Iedere nacht vreesden de dokters voor het leven van het kindje. Na een tijdje besloot de vader van het kind naar Tongerlo te rijden. Toen de moeder dacht dat haar man er ongeveer moest zijn, zag ze dat het kindje lag te sterven. Ze moest het kind vastnemen en dooreenschudden. Toen de man terugkwam, was het kind voorgoed genezen.

Bron

T. Bergen, Leuven, 2003

Commentaar

2.1 Heksen
vlaams-brabants (groot-aarschot)
32A
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Aarschot    Aarschot   

Plaats van Handelen

Tongerlo    Tongerlo