Hoofdtekst
Bèr: Vroeger waren er ook veel mensen die niks zeiden tegen de 'jung' (kinderen), omdat die dan bang waren. Ik herinner me toch nog goed dat gij (Virgenie) bang naar beneden kwam toen ge ze gezien had. Met de klompkes in de hand. Ik ging toen naar buiten want ik vertrok werken en toen zag ik daar langs het huis zo precies een altaar staan. En 's anderendaags toen ik thuis kwam, niks meer.Virgenie: Wat jaar zou dat toch geweest zijn? Rond de oorlog? Ik was er toen 14. Bèr: En ik 17.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
Een man die naar zijn werk vertrok, zag naast zijn huis een altaar staan. Toen de man de volgende dag thuiskwam, was het altaar verdwenen.
Bron
F. Beerten, Leuven, 2003
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (groot-beringen)
Omstreeks 1930
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Koersel   
