Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

WACHT0192_0193_3496 - Heks veroorzaakt nachtlawaai

Een sage (mondeling), 1970

Hoofdtekst

Ik was op een nacht ook eens daar bij die heks hè. Awel hè, en het was winternacht hè, klaar, de maan scheen. En daar begint iets te dobbelen (= tokkelen) op de zolder, maar dat was een lemen huis. Daar dobbelt iets en dat loopt zo over de zolder, dat ik mij zo moest vasthouden aan mijn stoel. Maar dat kan zestig jaar geleden zijn bediene, toch vijfenvijftig zeker. En dat was een slag hè, jong, gelijk een kanon. 'Daar', zegt de man, 'wat is dat?' Ja, dat was kort aan de Winterslag, tegen de ijzerweg over. 'Een machien van de route af', zegt hij en wij naar buiten. Daar vliegen de duiven rond in de lucht, zo een twintig, vijfentwintig duiven, die vlogen door de lucht. Het kon zeker één uur zijn. Awel, geen machien van de route af, geen kas in bellefleur getrokken, niks gehoord! 's Anderendaags nergens geen slag gehoord hè. Ik zeg: 'Ja, ik ga op huis aan hè.' Maar toen komt die vrouw dan binnen hè, die moeder. En, maar het eerste had die dikke vrouw gezegd, die oude vrouw: 'Gij kunt uw plan trekken - tegen die man - gij kunt uw plan trekken maar ik ga mijn werken doen', zegt ze. 'Mijn werken doen', zegt ze. 'Gij kunt slapen gaan al gaat ge onder het bed liggen.' En op dat zeggen daar ging die slag af. Ik dacht: wat is dat nu hier? En wij de buiten in. Toen kwam die vrouw ook terug binnen hè en die ging naar dat kamertje naar die twee kinderen toe en die kinderen waren niet wakker geworden hè. 'Kom maar hier mijn kind', zei die tegen die kinderen, 'want die stoute ma die is altijd weg.' Ja, die was niet getrouwd, die dochter die had twee kinderen en die was niet getrouwd. 'Die stoute ma die is altijd weg.' Maar ik wist niet waar die heen was hè. Awel en toen ben ik thuisgegaan en ik heb er zeleven niks meer van gehoord. Maar een dag of enkele dagen daarop, toen kwam ik weer eens daar. En 'nonde, nondedju, de mensen zijn kwaad op mij, de mensen zijn kwaad op mij.' Dat was dat groot straf vrouwmens. En ze pakte mij vast: 'Sè, Janneke', zei ze, 'als ik die macht had, die macht, als ik die moest hebben die ze mij opleggen', zei ze, 'maar die daar, hield geen één koe meer in haar stal.' Dat zei ze. Ja, wat moet ge daarvan denken? Dat zei ze.

Onderwerp

SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste    SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   

Beschrijving

Een man die op een winteravond bij maneschijn bij een vrouw op bezoek was, schrok zich haast dood toen hij op de zolder van het huis een hevige knal hoorde. Even later kwam de andere bewoonster van het huis binnen. Dat moest een heks zijn geweest.

Bron

W. Achten, Leuven, 1971

Commentaar

2.1 Heksen
midden-limburgs
h
Zeker 55 jaar geleden
memoraat

Naam Locatie in Tekst

Genk    Genk