Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

STOP0060_0061_20762

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

Hier in Langemark et er e keer etwot gebeurd. ’t Woren hier menschen die de name an dat z’etwot kosten en die de daad erbij an ook. En ’t zijn nog ofstammelingen dorvan ook. J’e dor Lecointres grootvader die wunde up de mote. Up e zekern dag lag er e vrouwe up de Madone te sterven. Z’had e vloed hèt. Den oenderpaster van Langemark wos dor om de gebeden des doods te lezen. En z’an ook achter Lecointre geweest. En o Lecointre dor toekwam vroegten: "Leeft ze nog?" En ’t antwoord wos bevestigend enn zei: "Ze gaat bluven leven." En dorup ontstoend er e twist tusschen Lecointre en den oenderpaster. En den oenderpaster zei: "Je meugt gij dat niet doen." En Lecointre die e nederige brave man wos antwoordde dor niet up. En otten nor huus ging, ’t vroos die nacht, ’t wos dus droge enne moste lansen de Kofferdreve gon. En otten dor omtrent an ’t Gistelhof kwam, zagten dor twee mannen die wachtten up hem. Dat woren d’er twee die betaald woren van dien oenderpaster om Lecointre troef (slaag) te geven. En dat deurde nog e bitje voor dat Lecointre ofkwam. Lecointre wos intusschentijd veranderd in e boom. Een van die mannen zei: "’k Gon hier nog e keer pissen tegen die boom en ‘k gon toen nor huus." Die twee mannen gingen voort en Lecointre ook. En otten thuus kwam, ’t wos toen één van de nacht en zijn vrouwe wos nog up en ze zat bij ’t vier en ze zei: "Freten, j’e gij lange weggezeten." "Jaa’k," zei Freten, "’t is koed en ‘k gon me nog e bitje warmen." En ze roerde nog e bitje den heerd open en ze zei: "Hoe komt dat, dat je broek ezo rokt? ’t Regent pertang niet?" Enn’antwoordde heel kalm: "’t e dor een tegen mijn gepist." O Lecointre gestorven is, woren de geestelijken dor onmiddellijk bij om zijn boeken te vragen. Enn’ hadde hij vele gelezen en geleerd. Vroeger kosten de geestelijken vele o ze wilden mor ze mosten willen. Z’èn zieder e speciale macht. Wuk dat de pasters kunnen, dat is de zworte kunste en wuk dat d’andre kunnen, dat is de witte kunste. Mijn moeder zei oltijd: "Oj ze niet moet èn, lat ze lopen."

Onderwerp

SINSAG 0670 - Zauberer macht sich unsichtbar.    SINSAG 0670 - Zauberer macht sich unsichtbar.   

Beschrijving

Op de Madonna in Langemark lag een vrouw die vloed had, op sterven. De onderpastoor kwam de gebeden des doods bidden. De familie van de vrouw was ook naar een man uit het dorp geweest, die had gevraagd: "Leeft ze nog?" Toen de mensen bevestigend hadden geantwoord, had die tovenaar gezegd: "Ze zal blijven leven". Die tovenaar kreeg ruzie met de onderpastoor. Toen de tovenaar 's nachts langs de Kofferdreef naar huis wandelde, zag hij bij 't Gistelhof twee mannen staan, die hem opwachtten. Die twee mannen waren door de onderpastoor betaald om de tovenaar af te troeven. De tovenaar begreep wat er aan de hand was en veranderde zichzelf in een boom. Omdat de mannen de tovenaar nog niet zagen aankomen, zei één van hen: "Ik ga hier eens plassen tegen een boom en dan ga ik naar huis". Even later vertrokken de mannen allebei naar huis. Toen de tovenaar om één uur 's nachts thuiskwam en naast de haard ging zitten, vroeg zijn vrouw: "Hoe komt het dat je broek zo ruikt? Het regent toch niet?" Daarop antwoordde de tovenaar heel kalm: "Er heeft daar iemand tegen geplast". Na de dood van de tovenaar kwamen de geestelijken onmiddellijk zijn boeken halen.
Geestelijken beoefenen zwarte magie en tovenaars witte magie.

Bron

S. Top, Leuven, 1964

Commentaar

2.2 Tovenaars
west-vlaams (vrijbos)
25I
fabulaat

Naam Overig in Tekst

Lecointre    Lecointre   

Gistelhof (Langemark)    Gistelhof (Langemark)   

Naam Locatie in Tekst

Langemark    Langemark   

Plaats van Handelen

Langemark    Langemark   

Madonna (Langemark)    Madonna (Langemark)   

Kofferdreef    Kofferdreef