Hoofdtekst
Beschrijving
Een vrouw had een duif die op haar schouders kwam zitten en at uit haar handen. Op een dag was de duif verdwenen. De vrouw ging naar de paters, die voorspelden dat de duif zou terugkomen, zelfs al moest het dier dat te voet doen. Een tijdje later zag de vrouw de duif te voet in het veld aankomen. Die duif at heel graag zout.
Bron
W. Van Wesenbeek, Leuven, 1969
Commentaar
2.2 Tovenaars
brabants (brussel en omstreken)
485
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Essene   
