Hoofdtekst
En dat dan, dat was meer echt. Dat waren zo menskes, daar hadden de kinderen van gewerkt bij de graaf en daar gingen wij vroeger bij een van die zonen ons haar laten snijden. En die vertelde ook dan stukken zo. Hij ging eens naar de Osseweg, dat was dan op dinge aan hè, op Rummen aan. En toen kwam hij in Terkoest (= gehucht van Alken) aan een eik - en dat weet ik ook, nu staat ze er niet meer - die eik irikte, zei hij. Die irikte echt maar dat was rare kal toch. (...) Iriken dat is zoveel als herkauwen, zegden de mensen. Maar de eiken houden hun bladeren, de inlandse eik houdt zijn bladeren in de winter en dat wiemert zo. Maar die mens had schrik want die sprak altijd van spoken.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
Een man die langs de Ossenweg naar Rummen wandelde, hoorde in Terkoest een eik vreemde geluiden maken. Het leek wel alsof de eik iets herkauwde. Het moet het geritsel van de bladeren in de wind zijn geweest.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
midden-limburgs
f
fabulaat
Terkoest is een gehucht in Alken.
Naam Locatie in Tekst
Sint-Lambrechts-Herk   
Plaats van Handelen
Ossenweg (Zoutleeuw)   
Terkoest (Alken)   
Rummen   
