Hoofdtekst
Charles vertelde dat hij met zijn moeder van ne doop kwam. Ineens zagen ze entwat blekken. Ze dosten haast nie voorbij. Als ze d’r bij kwamen zagen ze dat ’t ne bromhut was met snee d’rop, die wikkelde.
Beschrijving
Een man die samen met zijn moeder terugkwam van een doopsel, zag iets blinken. Toen de man en de vrouw dichterbij kwamen, zagen ze dat het een besneeuwde bremstruik was, die bewoog door de wind.
Bron
W. Van Houcke, Leuven, 1970
Commentaar
1.3 Vuurgeesten
west-vlaams (houtland)
62
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Aartrijke   
