Hoofdtekst
TM: "En voorzover daar sprake van is - maar dat neem ik eigenlijk wel aan - waar komt jouw fascinatie voor verhalen vandaan?"
RdB: "Ik weet dat ik het als kind altijd al heb gehad. Dat is wel leuk, want ik kreeg een keer de schoolrapporten van mijn ouders; die hadden ze nog bewaard. En toen kon ik dat ook teruglezen, zo uit mijn schooltijd, dat ik goed Bijbelverhalen kon navertellen. Dus dat heeft er altijd ingezeten. Ik ben er concreet iets mee gaan doen, toen ik vakantiekampen begeleidde met jongeren. En dan voor het slapen gaan, wordt een verhaaltje voorgelezen. En toen had ik zoiets van: ja, dat voorlezen; ik zit maar vast aan dat papier. Qua communicatie werkt dat niet zo makkelijk. Dus toen heb ik het gewoon eens uitgeprobeerd of ik het ook kon vertellen, en dat lukte wel heel aardig. Dus ik dacht van: nou, hier wil ik wel wat meer mee. 't Is wel heel lang... ben ik èn met theater beziggeweest èn met vertellen. Dat kon ik slecht met elkaar verbinden, dat is pas veel later gekomen. Dat ik, zeg maar, de verteller in de acteur heb gebracht en de acteur in de verteller."
TM: "Van zo'n kamp; kan je een voorbeeld geven van zo'n verhaal?"
RdB: "Ik herinner me dat dat toen Edgar Allan Poe was: het Geval Waldemar. Een stervende man die dan onder hypnose gebracht wordt, en dan niet doodgaat."
TM: "En dat... Ja, precies. Dus je had een literaire bron en dat heb je naverteld."
RdB: "Dat geval. Ja, en ik geloof ook nog als zijnde... Maar hij doet het ook in de 'ik', ja, maar dus als 'ik' hè, dus dan is het alsof het inderdaad een vriend van mij was die stervende was. En dan na negen maanden, dan besluiten ze het experiment te beëindigen, en dan wordt die persoon uit z'n hypnose gehaald, en dan gaat ook gelijk dat lijk helemaal in ontbinding. Dus dat haalt dan die negen maanden weer in, dus dat is heel vies."
TM: "Hahaha. En dat was om te griezelen waarschijnlijk."
RdB: "Om te griezelen."
(Interview J.P. Coenstraat 65bis, 3 maart 1999)
RdB: "Ik weet dat ik het als kind altijd al heb gehad. Dat is wel leuk, want ik kreeg een keer de schoolrapporten van mijn ouders; die hadden ze nog bewaard. En toen kon ik dat ook teruglezen, zo uit mijn schooltijd, dat ik goed Bijbelverhalen kon navertellen. Dus dat heeft er altijd ingezeten. Ik ben er concreet iets mee gaan doen, toen ik vakantiekampen begeleidde met jongeren. En dan voor het slapen gaan, wordt een verhaaltje voorgelezen. En toen had ik zoiets van: ja, dat voorlezen; ik zit maar vast aan dat papier. Qua communicatie werkt dat niet zo makkelijk. Dus toen heb ik het gewoon eens uitgeprobeerd of ik het ook kon vertellen, en dat lukte wel heel aardig. Dus ik dacht van: nou, hier wil ik wel wat meer mee. 't Is wel heel lang... ben ik èn met theater beziggeweest èn met vertellen. Dat kon ik slecht met elkaar verbinden, dat is pas veel later gekomen. Dat ik, zeg maar, de verteller in de acteur heb gebracht en de acteur in de verteller."
TM: "Van zo'n kamp; kan je een voorbeeld geven van zo'n verhaal?"
RdB: "Ik herinner me dat dat toen Edgar Allan Poe was: het Geval Waldemar. Een stervende man die dan onder hypnose gebracht wordt, en dan niet doodgaat."
TM: "En dat... Ja, precies. Dus je had een literaire bron en dat heb je naverteld."
RdB: "Dat geval. Ja, en ik geloof ook nog als zijnde... Maar hij doet het ook in de 'ik', ja, maar dus als 'ik' hè, dus dan is het alsof het inderdaad een vriend van mij was die stervende was. En dan na negen maanden, dan besluiten ze het experiment te beëindigen, en dan wordt die persoon uit z'n hypnose gehaald, en dan gaat ook gelijk dat lijk helemaal in ontbinding. Dus dat haalt dan die negen maanden weer in, dus dat is heel vies."
TM: "Hahaha. En dat was om te griezelen waarschijnlijk."
RdB: "Om te griezelen."
(Interview J.P. Coenstraat 65bis, 3 maart 1999)
Beschrijving
Als begeleider van een vakantiekamp voor jongeren is de verteller verhalen gaan vertellen zonder het boek erbij te gebruiken. Hij vertelde een verhaal van Edgar Allan Poe over een stervende die onder hypnose werd gebracht. Zo leefde de persoon nog negen maanden. Toen de hypnose werd opgeheven, stierf de man direkt en ontbond het lichaam razendsnel.
Bron
n.v.t.; interview door Theo Meder en Marie van Dijk (band archief MI)
Commentaar
3 maart 1999
Naam Overig in Tekst
Bijbel   
Edgar Allan Poe   
Het Geval Waldemar   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
