Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MNIJS0096_0097_19045

Een sage (mondeling), 1969

Hoofdtekst

De kwoan haand, da woaren droeve (stoute) menschen die ’t een of ’t aander dein bie de joengers (kinderen), biezoender bie de joengers, omdan z’under nie kosten verwèren (verdedigen). U (indien) je da nie geloofde, u je wille te sterk was, koste je under tegenwerken en ze kosten ton nietent. Die joengers schreemden ton en gieng(en) dikkerst doad. De pasters overlazen dat en da was ton weg. Den deken aat ’t meeste macht. Z’aan vroeger vele zukke boeken, z’haalden ton die boeken af.

Beschrijving

Sommige slechte mensen konden kinderen de kwade hand geven. Kinderen hadden immers nog niet voldoende kracht om zich te beschermen. Betoverde kinderen begonnen te huilen en stierven uiteindelijk aan hun betovering. Enkel de pastoors konden iets tegen de betovering doen. De macht van de deken was het grootst. Mensen die zich met het kwaad inlieten, bezaten toverboeken die door de geestelijken werden opgehaald.

Bron

M.-R. Nijsters, Leuven, 1969

Commentaar

2.1 Heksen
west-vlaams (nw van houtland)
32.2
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Gistel    Gistel