Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

JVENK0517_0517_10771 - Var.

Een sage (mondeling), 1968

Hoofdtekst

De bokkeriejers die gingen oet stièle. Die mooste dao nog enen eed vuer laote doon en die moosten hunne naam sjrieve mèt hun blood dat ze dao in wuoren en as ze doed wuore dan mooste ze nog doon waat hunne baas zag. Dan giènge ze maar rond stièlen en mèt stökke van boum mèt drie, veren houwde ze de dueren in.

Onderwerp

SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.    SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   

Beschrijving

De bokkenrijders moesten een eed afleggen en hun handtekening zetten met bloed. Ze moesten zweren dat ze zelfs na hun dood de bevelen van de bendeleider nog zouden gehoorzamen. De rovers sloegen met stokken de deuren van de huizen in en gingen overal stelen.

Bron

J. Venken, Leuven, 1968

Commentaar

4. Historische sagen
limburgs (maasvallei)
583 (1)
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Elen    Elen