Hoofdtekst
De rode haan, die kwam dan onder het bed zitten als ze niet braaf waren. Ik had dat ook eens gezegd tegen ons kinderen. Als ik ze dan om een uur of acht slapen legde in de zomer. Tja, dan gingen wij nog een beetje op straat zitten babbelen met de geburen, wor. En dan waren zij aan 't tuskat (= vangertje spelen) lopen in plaats van in hun bed te liggen.
Beschrijving
Wanneer het lang licht bleef, gingen de kinderen niet graag vroeg slapen. Ze speelden dan stiekem verstoppertje in plaats van in hun bed te liggen. Daarom zeiden veel moeders tegen hun kinderen dat de rode haan onder hun bed kwam zitten als ze niet braaf waren.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
midden-limburgs
i
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Diepenbeek   
