Hoofdtekst
En van dwaallichtjes of bespookte huizen of zo, dat was niet in de stad zeker?7.27 Ik heb maar één spookhuisje gezien, en dat was op Beukenberg. Maar ik heb daar nooit geen spook gezien, want ik ben daar ’s nachts als gamin dan, zal ik zeggen, van 16-17 jaar, kort na de oorlog. Dat ze je uitmaakten (uitjouwden) van bang te zijn, dan ben ik daar van mijn leven ingegaan. Voorop dan hé: tien, twintig gastjes achter je, jongere en oudere hé, die bang hadden hé. En dan de muur op, je kon daar niet in omdat daar een poortje was dat nooit open was. En dat was nog een huisje, maar daar stonden geen vensters meer in hé. En daar had een oude garde of iets in gewoond, heel waarschijnlijk. En daar hing een kruis buiten aan dat huisje. En dan sprong ik de muur op hé, en dan kon ik van boven zo dat venster in en dan zat je op een kamer hé. Maar dan kon je weer niet af omdat daar geen trap was. Dan als je in het onderste plaatsje moest zijn, dan moest je dan het park inspringen en daar was dan de deur open, daar kon je dan in. Maar ik heb daar nooit iets abnormaals gezien. De mensen zeiden: ‘het spookhuisje’. Het is nu verdwenen zeker?
Beschrijving
Op de Beukenberg in Tongeren stond een spookhuisje.
Bron
E. Meeus, Leuven, 1985
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (tongeren)
7.27
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Tongeren   
Plaats van Handelen
Beukenberg (Tongeren)   
Tongeren   

