Hoofdtekst
X Hebt ge ooit van benden gehoord? Bij jullie thuis hebben ze het misschien nog verteld?9.0 Ja, vroeger waren er verschillende benden. Hier... hoe die bende heette, dat weet ik niet. Er is nog een boek van Christiaan Seyms. En dat was een bende hier in de Kempen. Die... Dat was gebeurd in Corsendonk, op de Corsendonkse Hoeve. Mijn grootouders, die hebben daar gewoond, en mijn nonkel ook, Gustje van Massenhoven. Daar stonden de kappen nog in de kar en in de stal, waar ze met de bijlen gevochten hadden. Ja, dat was op het laatste van... nee, dat was eerder, want moeder zaliger woonde daar. Die is in 96 getrouwd, en toen woonde die daar. Op het laatste van de vorige eeuw moet dat geweest zijn. Ja, dat was met een Bet. Een vrouw, was daar de kapitein wan. X Van die bende?9.O Van die bende. En die jongen, die Christiaan Seyms, dat was een jongen, die was... Dat was daar het zoontje van een boer van vroeger. Ja, ik kan niet meer zeggen... Dat was zo op een namiddag, tegen de winter aan. Ze waren met de koeien naar de wei. De meiden waren thuis en de bazin. En daar was een jongetje van een jaar of vier, dat zat daar ook in huis of rond het huis. En men had gezegd: "Ga maar naar de koeien en zeg maar, dat het tijd is". En toen hadden er daar rondgelopen om het een en ander te vragen. En 's avonds was dat manneke weg. En overal gezocht en gedaan en ze konden hem niet meer vinden. Van dat volk was niets meer te zien. X Van welk volk?9.O Ja, van diegenen, die daar in de namiddag zo rondgelopen hadden. Rondlopers. Daar was niets meer van te zien. En gezocht en overal, daar was niets meer van te zien. Ik geloof dat het een jaar of twintig nadien was, toen kwamen er weer mannen aan en die scheper, die daar vroeger was, die kende die jongen en die vroeg wie hij was. Ja, dat wist hijzelf niet en toen zei die schaapherder van vroeger, dat hij de zoon was van die mensen daar. En toen wou die niet meer mee helpen. Want ze waren van plan een aanslag te plegen of een inval te doen en hij moest de mensen aan de klap houden 's avonds, terwijl de anderen binnenbraken. Maar hij speelde niet meer mee en hij, op dat moment, dat ze binnenkwamen om te stelen... Nee, zo was het eigenlijk juist niet. Hij moest de deur los doen, want hij moest slapen gaan vragen. En als dan de anderen waren gaan slapen, dan moest hij de deur los doen. Maar nu, ze bleven op, de mensen. Hij had hen verwittigd, hij had dat gezegd en ze bleven op. Toen kwamen ze dan toch, en Bet, met opgeheven dolk springt ze op Christiaan Seyms. "Verrader", riep de dievegge, staat in het boek. En ze wou hem neersteken met de dolk, maar ondertussen vloog die hond naar haar, die herdershond en die pakte haar bij haar pols en die beet haar in haar hand. En toen hebben ze haar daar geboeid en hebben ze haar naar Geel naar de gevangenis gedaan. En toen zijn ze… tot wat ze veroordeeld werden, dat weet ik niet. Dat staat allemaal in het boek.X Maar ge zegde dat ze ook nog in de schuur gevochten hadden. 9.O In de stal.X Daar hadden ze dan ondertussen ook gevochten?9.O Ja, er kwamen er nog en dan de knechten, hé. Dat was een grote boerderij. Dat was een boerderij van 120 hectaren. Ja, dat was de Molenhoeve in Corsendonk. Ja, in de twintiger jaren is die afgebrand. Een beetje, nadat mijn nonkel daar vertrokken is, is die afgebrand.X Die heeft daar gewerkt. Was hij daar op dat moment? 9.O Nee, dat was daarvoor nog, toen grootvader er was. X Waren er in de oorlog ook benden?9.O Ja, maar hier, in deze streek heeft men toen niet raar gedaan. Ja, eens wat aardappelen uitdoen en korenhopen lossnijden en de aren eraf doen. Maar voor de rest... Dat zal niet veel geweest zijn.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
Op de Molenhoeve in Corsendonk zou ooit een roversbende een jongetje hebben ontvoerd. Het vierjarige kind moest naar de weide gaan om de mensen die daar aan het werk waren, te roepen. Het jongetje is echter niet meer teruggekeerd. Twintig jaar later was de roversbende weer in datzelfde dorp. Een schaapherder herkende de jongen en zei dat hij de zoon was van de mensen die op de Molenhoeve woonden. Op dat moment wilde de jongen niet langer meedoen met de rooftochten. Hij moest die avond ergens onderdak gaan vragen en 's nachts de deur openmaken om de rovers binnen te laten. De jongen waarschuwde de mensen bij wie hij logeerde, zodat de bendeleidster bij de inbraak door een herdershond naar de keel werd gevlogen. Daarna werd de bendeleidster naar de gevangenis van Geel gebracht. In de jaren twintig is de Molenhoeve afgebrand.
Bron
C. Verheyen, Leuven, 1982
Commentaar
4. Historische sagen
antwerps (arendonk)
9O
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Molenhoeve (Corsendonk)   
Naam Locatie in Tekst
Arendonk   
Plaats van Handelen
Geel   
Corsendonk   
