Hoofdtekst
De Duutsche schaper z’n hoend aat e ki ’n hoaze gepakt. De jagers, da woaren heren van in ’t roende, kwamen nor hem reklameren. – "Je moet do nie van maken", zeit ie, "je go gie toch nie mi schieten." En woarliks, z’aan gin kardoeschen mi, j’aat z’ollemolle (allemaal) weggetoverd.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Op een dag had een hond van een Duitse schaper een haas gevangen. Toen de jagers uit de buurt kwamen klagen, sprak de Duitse schaper: "Jullie moeten daar geen probleem van maken, jullie zullen toch niet meer kunnen schieten". De Duitse schaper had alle patronen uit de geweren van de jagers weggetoverd.
Bron
M.-R. Nijsters, Leuven, 1969
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (nw van houtland)
6.2
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Duitse schaper   
Naam Locatie in Tekst
Ettelgem   
