Hoofdtekst
Minse lôge in 't bed. Ze huurde lewêet. De deur goenk stillekes ope mor dor wor niemand te zien. Da wor ne giest dieje trugkâm.
Onderwerp
SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   
Beschrijving
Mensen uit Genenbos hoorden altijd een vreemd lawaai wanneer ze 's avonds in bed lagen. De deur ging dan stilletjes open, maar er was niemand te zien. Het moet een dode zijn geweest, die terugkwam.
Bron
M. Hermans, Leuven, 1966
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (herk-de-stad)
335
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Genenbos   
Plaats van Handelen
Genenbos   
