Hoofdtekst
Jan Sloef in Gestel dieje kwam ’s avonds om een uur of 9 altij terug. Hij ging dan van Gestel no Kam[?]dhelen en hij riep dan "wo laat ik mijne paal? wo laat ik mijne paal?" Niemand dierf do op antwoorde. Op zekere keer zei er eens ene: "’k zal er eens op antwoorde" "Doet da toch nie joeng" zegde ze allemaal. Ma ’t was niks gekort, ma hij dronk zijn eige toch eerst zat. En Jan Sloef kwam "wo moet ik mijne paal late?" "Laat hem do ge hem gehaald hebt" antwoordde hem. Toen was dieje do van verlost. Dieje ha de paal uitgedaan en harstoke. Toen was da gemakkelijk: as ge iet misdaan hadt, mochte do veur terugkome.
Onderwerp
SINSAG 0404 - Wo soll ich ihn hinsetzen?
  
Beschrijving
Jan S. uit Gestel moest na zijn dood komen spoken. Elke avond om negen uur liep het spook van Gestel naar Kwaadmechelen, terwijl het riep: "Waar moet ik mijn paal laten? Waar moet ik mijn paal laten?" De mensen antwoordden allemaal: "Doe dat toch niet, jongen!", maar dat hielp niet. Op een dag antwoordde een dronkaard: "Dat speelt toch geen rol, jongen, leg hem terug waar je hem gehaald hebt". Daardoor was het spook verlost.
Bron
M. Vankerkhoven, Leuven, 1964
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
limburgs (grensgebied kempen-hageland)
232
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Jan S.   
Naam Locatie in Tekst
Kwaadmechelen   
Plaats van Handelen
Gestel   
