Hoofdtekst
Boven in Solt, op Neeroeteren aan, in 'nen houtbos, daar waren overal gaten in de grond en wat ge daar in schepte vond ge niks als maar eerden pijpestertjes, wel honderden. Die waren van de auwelemennekes. In Bree rond de wal zaten die vroeger. Dat waren mennekes met 'ne baard, en die gongen 's nachts werken bij de mensen, als ze eten kregen. Maar ge moest ze stillekens alleen laten
Onderwerp
SINSAG 0052 - Zwerge graben eine unterirdische Verbindung (Graben)
  
SINSAG 0063 - Die hilfsbereiten Zwerge arbeiten in der Nacht für die Menschen für Nahrungsmittel (Tabak, Geld)   
SINSAG 0065 - Zwerge wollen nicht belauert werden   
Beschrijving
De alvermannetjes leefden vroeger in de buurt van de stadswallen van Bree. In een bos in Solt bij Neeroeteren hadden de alvermannetjes onderaardse gangen gegraven. 's Nachts gingen de alvermannetjes het werk van de mensen doen in ruil voor voedsel. Maar ze wilden in geen geval bespied worden.
Bron
R. Celis, Leuven, 1954
Commentaar
1.2 Aardgeesten
limburgs (bree en omstreken)
Auwelkes doen allerlei werk: variant (Tongerlo)
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Tongerlo   
Plaats van Handelen
Neeroeteren   
Bree   
Solt   
