Hoofdtekst
Beschrijving
Een jongen die op een avond met zijn vriendin bij het kapelletje van Sint-Niklaas stond, zag een oud vrouwtje met een gebogen rug aankomen. Het vrouwtje zwaaide met een paternoster die ze in haar hand hield. Toen de jongen die verschijning zag, riep hij verschrikt: “Kladder is daar” en liet zijn vriendin daar achter.
Bron
C. Vandendries, Leuven, 1984
Commentaar
1.6 Weerwolven
brabants (scherpenheuvel)
8G
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Sint-Niklaas (kapelletje van)   
Kladder   
kapelletje van Sint-Niklaas   
Naam Locatie in Tekst
Scherpenheuvel   
Plaats van Handelen
Sint-Niklaas   

