Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

WJACK0198_0200_5718 - Het geraamte spookt

Een sage (mondeling), 1958

Hoofdtekst

Dat hèeft mech mijne nonk verteld, Nikla Meetens. Ja, ver zaten hier op enen avond en vroegen hem voorwat er toch herbouwen had. Ja, zei er. Ik heb herbouwen voordat do zoveel ratten waren, maar toen daarna was 't nog erger. En toen begos er te vertellen. 't Was al avond en 't was just al zat het huis vol ratten en ze kosten nie slapen, de heel nacht nie. En toen had er een bel gehangen, onder voorwendsel voor de kinder 's mirres ('s morgens) wakker te krijgen maar 't was voor de ratten, omdat de ratten zouden weggaan met veel geluid te maken. En toen had er alles afgebroken en 't (huis) heel herbouwen toch nog met het gedacht dat 't ratten waren en toen was 't nog erger. En op ene morgen gonk zijn vrouw vonkelhout (sprokkelhout) inhalen en de man was binnes in de keuken en in ene keer komt de vrouw aangelopen en ze was zo wit van schrik en ze smakte de deur toe en de twee knieën tevoor. En ze riep maar 'Nikla help me toch' - 'Wat is dan toch aan de hand' vroeg de man. Er wol de deur open doen maar zij liet hem nie en steef van schrik heeft ze hem verteld wat ze do gezien had: do kwam iets op h'r aangerold en dat wjande (werd) altijd maar dikker en toen het voor h'r kwam was 't een groot monster en toen was ze na binnes gelopen. De man was toch maar in 't gedacht dat de vrouw zich vergist had. 'Ich lachte domit (daarmee)', zei er maar enige maand daarna was de man zich aan 't scheren om een uur of elf. 't Was op ene zaterdagavond en wei (toen) er zich aan 't scheren woor sloeg zo'n knokige hand op een achtervensterke dat uitgaf op de misten (binnenkoer van hoeve) en toen zag er do een wit geraamte staan. Er had alles in pardel (in de steek) gelaten. En boven op (en liep bovenop). 's Anderendaags 's mirres ('s morgens) is er heel vroeg opgestaan voor te zien omdat er dacht: ''t Moest ook maar eens zijn dat ich dien droom gehad heb en nie goed wakker was.' 't Had 's avonds gesneeuwd. En toen gonk er zien. En de voetstappen stonden onder zijn vensterke, zo door zijn wei tot aan het Beetje. Toen gonk er naar de pastoor voor 't te laten zingeren (zegenen) en toen was alles weg en de pastoor, dat was Kerkhofs, die deed het ook nie liegen, dat het spoken nog bestond.

Onderwerp

SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.    SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   

Beschrijving

In een huis in Rosmeer hoorde men 's nachts altijd een vreemd geritsel alsof er ratten zaten. Toen de vrouw op een dag sprokkelhout ging halen, meende ze een monster gezien te hebben. De man, die geloofde dat zijn vrouw zich had vergist, zag op een zaterdagavond een geraamte voor het raam staan. De volgende ochtend zag de man de voetsporen van het geraamte in de sneeuw. Uiteindelijk liet de man pastoor K. komen om het huis te zegenen.

Bron

W. Jackers, Leuven, 1958

Commentaar

1.4 Luchtgeesten
limburgs (bilzen)
262
Oom van de informant
fabulaat
De informante hoorde het verhaal van haar oom Nikla M.

Naam Locatie in Tekst

Rosmeer    Rosmeer   

Plaats van Handelen

Rosmeer    Rosmeer