Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MVAND0227_0227_33550

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

Mijn vrouw haar vader werktegen op een hof. Hij was daar paardenknecht, en ’t er was daar ne kledden, maar hij droeg zijn vel altijd in nen appelboom, ze mochten dat niet weten; maar op ne keer hadden ze zijn vel verbrand, maar zijn vrouw haar vader dat was ne vriend, ah ja, ze werktegen mee een op dat hof hé, hij wist al gelijk dat dat ne kledden was, maar hij en willegen dat niet verraden; en op ne keer – de mensen baktegen zelf hé – en z’hadden zijn vel in nen oven geworten, en hem moesten ze tegenhouden of hij spronk erbij! Want ze moesten hunnen tijd uitdoen; in den tijd kregen ze daar zeven stuivers voren, dat ze zeien.

Beschrijving

Op een boerderij werkte een knecht die in een appelboom een vel had verborgen waar mee hij voor kledde speelde. Op een dag had men kleddes vel in de oven gegooid. Daarop kwam kledde aangelopen om zijn vel te redden. Als men hem niet had tegengehouden, zou hij in de oven zijn gesprongen. Men kreeg zeven stuivers per dag om voor kledde te spelen.

Bron

M. Van Der Linden, Leuven, 1964

Commentaar

1.5 Plaaggeesten
oost-vlaams (denderstreek)
717
Schoonvader van de informant
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Woubrechtegem    Woubrechtegem