Hoofdtekst
Een groep gekken zit bij het hek van een gekkenhuis en ze roepen steeds: "Veertien, veertien, veertien."
Er lopen allerlei mensen voorbij. Eén man is nieuwsgierig als hij de gekken hoort roepen. Hij kijkt door een gat in het hek en wordt meteen door een gek met een vinger in zijn oog gestoken.
Waarop de gekken roepen: "Vijftien, vijftien, vijftien."
(verteld te Utrecht op 25 augustus 1999)
Er lopen allerlei mensen voorbij. Eén man is nieuwsgierig als hij de gekken hoort roepen. Hij kijkt door een gat in het hek en wordt meteen door een gek met een vinger in zijn oog gestoken.
Waarop de gekken roepen: "Vijftien, vijftien, vijftien."
(verteld te Utrecht op 25 augustus 1999)
Beschrijving
Een groep gekken zit bij het hek van een gekkenhuis en ze roepen steeds: "Veertien, veertien, veertien." Er lopen allerlei mensen voorbij. Eén man is nieuwsgierig als hij de gekken hoort roepen. Hij kijkt door een gat in het hek en wordt meteen door een gek met een vinger in zijn oog gestoken. Waarop de gekken roepen: "Vijftien, vijftien, vijftien."
Bron
n.v.t.
Commentaar
25 augustus 1999
Vgl. id.nr. RKOMAEGYPTE038.
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21