Hoofdtekst
Onderwerp
ATU 0327B - The Brothers and the Ogre   
AT 0327B - The Dwarf and the Giant   
ATU 0700 - Thumbling   
AT 0700 - Tom Thumb   
ATU 1875 - The Boy on the Bear’s (Wolf’s) Tail.   
AT 1875 - The Boy on the Wolf's Tail   
Beschrijving
Klein Duimpje was in het donker verloren gelopen in het bos. Hij kroop in een boom en zag in de verte een huis met een licht. Klein Duimpje liep naar het lemen huis waar licht brandde en klopte er aan. Een vrouw kwam opendoen. Klein Duimpje vroeg of hij daar mocht overnachten en werd onmiddellijk binnengelaten. Op de kachel stond een kookpot, die een eigenaardige geur verspreidde. Toen er werd aangeklopt en de vrouw de deur ging openmaken, keek Klein Duimpje snel even in de kookpot, waarin hij een kinderhandje zag liggen. Hij besefte dat hij bij een kindereter was terechtgekomen. Ondertussen was de echtgenoot van de vrouw thuisgekomen. “Iets kunnen vangen?” vroeg de vrouw hem, waarop de man antwoordde: “Neen”. “Dat is niet erg”, zei de vrouw, “hier binnen zit een dikke”. De vrouw schotelde haar man de soep met het kindervlees voor en bood Klein Duimpje ook een bord aan. Klein Duimpje weigerde beleefd en ging slapen. In zijn kamer probeerde hij langs het raam te ontsnappen, maar dat lukte niet. Naast het raam voelde Klein Duimpje een gat. Hij stak zijn vinger erin en maakte het gat groter en groter, tot hij erdoor kon kruipen. Op de drempel zag Klein Duimpje de man zitten, die een mes aan het slijpen was. Klein Duimpje was nog door het gat aan het kruipen toen de man in zijn kamer binnenkwam en hem bij de voeten greep. Klein Duimpje riep en kroop voort, waarna de man enkel de sok van het dwergje in zijn hand had. Klein Duimpje liep naar het bos en verschool zich achter een hoop hout. Daar lagen twee bijenkorven, waarvan de ene leeg was. Toen Klein Duimpje twee mannen hoorde aankomen, kroop hij in de lege bijenkorf. De mannen tilden die bijenkorf op en zeiden: “Dat is een zware. Daar zal wel veel honing in zitten!” De mannen namen de bijenkorf mee. Onderweg trok Klein Duimpje aan het haar van de man die de bijenkorf droeg, waarop de man naar zijn vriend riep: “Hé, waarom trek je aan mijn haar?” De andere zei: “Ik heb helemaal niet aan je haar getrokken”. De mannen begonnen te twisten. Uiteindelijk ging de andere man voorop met de korf op zijn rug. Vervolgens trok Klein Duimpje aan de haren van de andere man. Uiteindelijk kregen de mannen ruzie en begonnen te vechten. Klein Duimpje greep die kans om te ontsnappen. Hij kroop in een een dikke hoop hout. Even later kwamen er mannen aangelopen, die met dat hout een vuurtje wilden stoken om hun melk warm te maken. De mannen vonden het mannetje en spraken tot elkaar: “Die kunnen we net goed gebruiken. In het keldergat van de pastoor hebben we immers een lekker wit brood zien liggen, maar we konden er niet bij. Dat mannetje past precies in dat keldergat. Klein Duimpje ging voor de rovers een wit brood en een pot stroop stelen. In het bos werd het brood met de stroop opgegeten en daarna vielen de rovers in slaap. De volgende ochtend zetten de rovers Klein Duimpje in de pot waarin de stroop was geweest. Opdat Klein Duimpje niet zou stikken, hadden ze een gat in de pot gemaakt. Later op de dag kwam er een beer aangelopen, die de laatste kruimeltjes van het wit brood opat. De beer stak zijn poot door het gat van de pot stroop. Klein Duimpje greep de staart van de beer en hield die vast. De beer liep weg, maar omdat het tonnetje de hele tijd tegen zijn poot sloeg, liep hij steeds harder. De beer liep het bos uit en kwam in het veld. Daar sloeg het tonnetje tegen een grenspaal, waardoor het stuk was en Klein Duimpje kon ontsnappen. Hij keek om zich heen en zag dat hij in zijn achtertuin was beland. Klein Duimpje liep snel naar zijn moeder. Toen die hem met zijn kleren vol stroop zag aankomen, zei ze: “Maar mannetje, vertel mij nu toch eens wat jij hebt meegemaakt!” Vervolgens vertelde Klein Duimpje al zijn avonturen.
Bron
D. Herbots, Leuven, 1974
Commentaar
7. Sprookjes
brabants (oosten)
166F
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Klein Duimpje   
Naam Locatie in Tekst
Halle   
