Hoofdtekst
21C En dan nog een ander, die kwam uit de Oude Stok en de Wilgeputstraat, als je dat weet. Dat is zo nogal een holle straat. Langs weerskanten kanten en de Oude Stok dat is ook zo. En daar zat een zwarte kat in de kant. En die zat daar maar: "miauw, miauw, miauw." En die zei: "Poeske ga jij mee met mij." En die kwam uit die kant en die sprong op zijn rug. En die moest nog gaan tot nu in de Kleinopperstraat, eer dat hij thuis was. En die komt thuis en die was nat van het zweet. Dat was een heks en dat was een redelijke… Een vrouwmens die haar (zichzelf) veranderd had in een kat en een redelijke zware, en die droeg haar tot thuis.x Amai.21 Ja maar, dat zijn waargebeurde feiten, wat ik vertel. Dat is allemaal over dezelfde familie en geburen (buren).
Onderwerp
SINSAG 0608 - Andere Begegnungen mit Hexentieren.
  
Beschrijving
Een man die langs de Oude Stok en de Wilgeputstraat wandelde, zag een zwarte kat langs de kant van de weg zitten. De kat miauwde en de man sprak: "Poesje, ga jij met mij mee?" Daarop sprong de kat op de rug van de man. De man moest het dier dragen tot in de Kleinopperstraat. De kat was een heks die zich in een dier had veranderd. Omdat het om een corpulente vrouw ging, was de man doodmoe toen hij thuiskwam.
Bron
T. Bergen, Leuven, 2003
Commentaar
2.1 Heksen
vlaams-brabants (groot-aarschot)
21C
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Langdorp   
Plaats van Handelen
Oude Stok   
Kleinopperstraat   
Wilgeputstraat   
