Hoofdtekst
Als jongen was m’n vader samen met een paar vriendjes naar de buiten getrokken rond Vlissingen. Onderweg kregen ze dorst en vroegen drinken op een boerderij. Ze putten water uit de welput en kregen van de boer een kom om te drinken. De laatste die gedronken had gooide de kom kapot en ze liepen allemaal al lachend weg. De boer was erg kwaad en riep:“Wacht maar ik krijg jullie welWie lest lacht, lacht best.”Die jongens liepen nog een hele dag rond tot ’s avonds laate en konden hun weg niet meer terug vinden ofschoon ze dagelijks in dezelfde omgeving speelden. Ze hoorden altijd maar de stem van die boer achter hen “wie lest lacht, lacht best.” Toen ‘tg bijna middernacht was, riept die stem: “hebben je nu genoeg gelachen? Ga nou maar naar huis toe.” En in een keer wisten ze waar ze waren.
Onderwerp
SINSAG 0667 - Zauberer führt irre.   
Beschrijving
Enkele jongens die in Vlissingen op trektocht waren, vroegen aan een boer of ze wat drinkwater kregen. De boer haalde water uit de put en liet de jongens drinken uit een kom. De laatste jongen die gedronken had, gooide de kom stuk, waarna de jongens lachtend wegliepen. De boer was erg boos en zei: "Wie laatst lacht, best lacht!" Hoewel de jongens de omgeving goed kenden, raakten ze verdwaald. Ze hoorden de hele tijd de stem van de boer die zei: "Wie laatst lacht, best lacht!" Toen het bijna middernacht was, hoorden ze de stem van de boer roepen: "Hebben jullie nu genoeg gelachen? Ga nu maar naar huis!" Het volgende ogenblik konden de jongens zich moeiteloos oriënteren.
Bron
J. Aspeslagh, Leuven, 1958
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (kamerlingsambacht)
244
Vader van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Oostende   
Plaats van Handelen
Vlissingen   
