Hoofdtekst
De tempelheren da waren gelijk mannen die hier regeerdigen. Ze waren zelder hier meestre hé. En ot kwam op den dag van de trouwfeeste tons (dan) moest den avond te voren ’t meiske bij elder gaan slapen. Tons mosten ze trouwen. Ze woondigen op ’t Bouwken en ot er wa bijzonders te doen ware legden ze matten van ’t Bouwken toe de Maldegemweg. Da was in ’t Bouwdreefken danze die matten legden.
Beschrijving
Wanneer er iemand trouwde, moest de toekomstige bruid de nacht vóór haar huwelijk bij de Tempeliers doorbrengen. In de Bouwdreef tussen 't Bouwken en de Maldegemweg hadden de Tempeliers matten gelegd.
Bron
O. Mattheeuws, Leuven, 1963
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (grens oost- en zeeuws-vlaanderen)
486
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Tempeliers   
Naam Locatie in Tekst
Knesselare   
Plaats van Handelen
Maldegemweg (Knesselare)   
Bouwdreef   
Bouwken ('t)   
't Bouwken   
