Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

CDEWI0946_0947_32414

Een sage (mondeling), zaterdag 19 december 1998

Hoofdtekst

I -Die zou op het grondgebied van Lierde al gewoond hebben.44 C -En Ema, dochter van meetjen Tchiep, woonde op Erwetegem, namelijk in de Klemhoutstraat. Nee, die weet ik niet, dat was ver van ons hé. Ha! Meetje Garde die heb ik gekend, meetje Garde dat was tegen ...I -De statie.44 -Tegen de statie.I -Ja, dat heeft hij gezegd.44 -Die woonde daar zo alleen in een, en als we naar de gemeenteschool gingen, gingen we ze tampteren (jennen) zo, gingen we ze een beetje hitsen en dat was meetje Garde.I -En dat zeiden ze, allez, Albert De Prijck zei dat dat zou een heks geweest hebben, hij gelooft dat zelf niet, maar hij zei dat.44 -Wel ja, ze ôt (had) zo een beetje ding, ze ôt (had) zo een beetje de naam van, ze was zo eigenaardig gekleed altijd altijd met lange oude lelijke kleren zo en ze ôt (had) de naam bij de kadeeën ook, ‘t was daarmee dat we al achter daar binnenbraken voor een keer te zien of ze niets uitstak en, maar we hebben daar nooit niets van gezien of, maar ze ôt (had) de naam van heks te zijn.I -En weet gij misschien hoe dat die vrouw in ‘t echt heette?44 -Nee, dat weet ik niet.I -Omdat ik graag zou opzoeken wie dat die persoon was.44 -Nee, ik weet niet, ik weet niet, meetje Garde hoe dat ze heette.II -Maar Garde was dat de garde van de ijzeren weg (trein) of?44 -Ik heb daar geen gedacht af waarom dat ze zou meetje Garde genoemd hebben.II -Was er daar een gareel misschien?44 -Ja, d’er is daar een brug, d’er is daar een statie, ‘t is juist over.II -Ja, ik weet het wel, beneden is de statie daar hé.44 - Bij ‘t eerste huis van de Klemhoutstraat en dat is als ge van Oudenhove van Brakel van Nederbrakel komt over de brug het eerste baantje rechts is de Klemhoutstraat en ‘t is het eerste huis rechts dat huis bestaat nog altijd. D’er achter zijn daar mensen gewoond die, wacht een keer, De Prijck heetten, dat was familie van André De Prijck, André De Prijck is een beetje ouder, ah nee, maar Prijck z’n Bert (Albert De Prijck, inf. 36), die is ouder.I -Ja, de schilder.44 -als ik en die leeft nog.II -Ja, ja.44 -Maar waar dat André De Prijck woont die is mijn ouderdom.II -Ze is daar bij geweest bij die Albert De Prijck.I -Die kon heel goed vertellen. Dat was bijna het een na het ander.44 -Ah, bij Bert, ja die kon goed vertellen, ja, ja, Prijck z’n Bert, maar het was een farceur ook hé, hij heeft ook veel toeren uitgehaald.(Ik vraag nog maar meetje Tchiep. De informant kent ze niet.)44 -D’er is maar één die ik ken en dat is meetje Garde, als ik naar de gemeenteschool ging, heb ik ze goed gekend, want ik heb ze nog veel weesten plagen en doen. Maar ook een type van Steenbergen, dat was nevenst mijn thuis ook, allez, mijn eerste thuis waar dat we vrooeger woonden, want naar dat ding zijn we na de oorlog maar gaan wonen, naar dat hof tegen den (het) bos, zijn we na de oorlog gaan wonen.

Beschrijving

In Erwetegem woonde een vrouw die altijd lelijke oude kleren droeg en ervan werd verdacht een heks te zijn.

Bron

C. De Winne, Leuven, 1999

Commentaar

2.1 Heksen
oost-vlaams (groot-zottegem)
44C
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Erwetegem    Erwetegem   

Plaats van Handelen

Erwetegem    Erwetegem