Hoofdtekst
I -Weet ge iets van vuurgeesten of zo, van zo van die dwaallichtekes die boven de graven hangen?23 A -Nee, stalkeersen noemden ze datI -Een stalkaars dat is nog iets anders hé of? Weet ge wat dat dat is?23 -Nee, nee daar weet ik niet af.I -Of van een stalkaars, wat weet ge daarvan?23 -Een stalkaars zeiden ze maar dat was meest een raap of een beterave uitgesneden hé en ze maokten daor ogen in en een mond in en daar zetten ze een kaars in te branden en dat zetten ze ievers aan de kant waar dat de mensen passeerden en dat zagen hé.24 -Dat was een stalkaars23 -En dat waren stalkaarsen
Beschrijving
Stalkaarsen waren uitgeholde bieten of rapen waarin men een kaars had gezet en die men langs de kant van de weg plaatste.
Bron
C. De Winne, Leuven, 1999
Commentaar
1.3 Vuurgeesten
oost-vlaams (groot-zottegem)
23A
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Sint-Goriks-Oudenhove   
