Hoofdtekst
G: Kauwgum? Kinderen mogen kauwgum eten ja, alleen, er mag niks op straat gegooid worden. Papiertjes? Worden nooit op straat gegooid. Ik gooi nergens, ik gooi nooit wat op straat en ik wil het van de kinderen en kleinkinderen ook niet hebben, nee hoor, nee, dat is... ik weet nog, mijn zoon die zat in 't wandelwagentje, en toen kwam de tijd dat ze al die kisten buiten gingen zetten wat natuurlijk prachtig was. Fout. Mijn jongste zoon zat in het wandelwagentje, mijn oudste zoon liep d'r naast. En toen liepen we langs de winkel en een stuk verder toen zei die: Mama kijk eens. Een hele grote aardbei was het. Nou, wat zei je als moeder: Dan ga je terug en dan leg je hem precies in hetzelfde doosje als waar je hem uitgehaald hebt. Dus ik kan me niet herinneren dat hij daar ooit nog een aardbei...ja. Dat zijn van die dingen, bij ons zit dat er nog in en dat is tegenwoordig toch wel heel anders. Ze eten een zak chips en ze kwakken hem leeg op de grond. Maar wij hebben... dat zag je bij ons niet... en het was vroeger ook niet zo. Vroeger was de straat schoon, en dat is niet meer. Maar vroeger kon je ook je fiets buiten laten staan, ja, bij mij hebben ze er al dríe gepikt voor de deur. En tegenwoordig trappen ze alle wielen krom hier in 't wijk. Dat is weer een nieuw spelletje, zelf eentje bij de boom [...]. Dat doen ze 's nachts, ze trappen het achterwiel krom.
M: Maar hoe kun je.. kan je dat gewoon met voetkracht doen?
G: Ik denk het, ik denk het, want het heeft zelfs al op de kabelkrant gestaan, als iemand eens zag dat dat gebeurde, of ze daar eens melding van willen maken, want de wijk is er hier op 't ogenblik berucht om. En trouwens, je kan kijken, bij de apotheek, óveral staan kromme achterwielen, worden gewoon zo krom getrokken. Dat hebben ze een keer ontdekt, dat is... [...] Maar ze staan vast hoor, die fietsen staan vast, dus ze moeten het gewoon met voetkracht doen, anders weet ik het niet. Maar het zijn echt tientallen fietsen, en je hoeft de wijk maar rond te lopen of je komt ze àbsoluut tegen. Ja, dat is ernstig. En dat vind ik wel heel erg jammer, wat dat betreft, de mentaliteit die gaat zo achteruit hè? Maar... ik ben oud hè? Wij zijn zo niet opgevoed.
(Op 17 augustus 1999 verteld te Lombok)
M: Maar hoe kun je.. kan je dat gewoon met voetkracht doen?
G: Ik denk het, ik denk het, want het heeft zelfs al op de kabelkrant gestaan, als iemand eens zag dat dat gebeurde, of ze daar eens melding van willen maken, want de wijk is er hier op 't ogenblik berucht om. En trouwens, je kan kijken, bij de apotheek, óveral staan kromme achterwielen, worden gewoon zo krom getrokken. Dat hebben ze een keer ontdekt, dat is... [...] Maar ze staan vast hoor, die fietsen staan vast, dus ze moeten het gewoon met voetkracht doen, anders weet ik het niet. Maar het zijn echt tientallen fietsen, en je hoeft de wijk maar rond te lopen of je komt ze àbsoluut tegen. Ja, dat is ernstig. En dat vind ik wel heel erg jammer, wat dat betreft, de mentaliteit die gaat zo achteruit hè? Maar... ik ben oud hè? Wij zijn zo niet opgevoed.
(Op 17 augustus 1999 verteld te Lombok)
Beschrijving
Vroeger was de straat schoon en rustig; nu gooit iedereen zijn rommel maar neer. Er worden fietsen gestolen en gevandaliseerd; de wielen worden kromgetrapt.
Haar zoon heeft ooit eens een aardbei gestolen uit een kist buiten van de groenteboer; die aardbei moest hij netjes gaan terugleggen.
Haar zoon heeft ooit eens een aardbei gestolen uit een kist buiten van de groenteboer; die aardbei moest hij netjes gaan terugleggen.
Bron
interview met Theo Meder en Marie van Dijk, 17 augustus 1999 (bandopname archief MI)
Commentaar
17 augustus 1999
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21