Hoofdtekst
a) Op een avond als mijn broer naar huis kwam en als hij aan ’t berrelenkot (houten barak) kwam, een kloefekapperij, mensen die rondgingen achter van alles, hoorde hij al met een keer een schuifelet (fluitje), een beetje verder nog een, nog een beetje verder nog een. Hij zag die mannen, maar hij dacht aan niet. ’s Anderendaags was alles geschoept: houtvoorraad en kloefen, ’t was al weg. Dus, die schuifeletten waren een verwittigingssysteem.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
Een man die op een avond naar huis wandelde, hoorde bij het huis van een klompenmaker iemand op een fluitje blazen. Wat verderop hoorde de man het gefluit nog twee keer. De volgende dag was de hout- en klompenvoorraad van de klompenmaker gestolen. De fluitjes waren kennelijk een middel waarmee rovers met elkaar communiceerden.
Bron
K. Erard, Leuven, 1966
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (ieper)
33a
Broer van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Brielen   
