Hoofdtekst
‘k Heb ik 30 jaar lang toe Cornillies gewrocht, en dat was een tempeliershof. De tempeliers woonden daar in nen onderaardsen gang en daags voor kerstdag ging de processie daar uit. Ze waren zieder lijk een volk apart. ’t Gebeurde ook dat er in den bilk peerden liepen zonder kop. Als ze ’s avonds ulder peerden gingen gaan pakken, ton vonden ze geen kop.Toe Cornillies was er ook een kelderstik, men zei dat er daar een kelder onder was. ‘k Heb ik daar al veel boeren geweten, zulle: Jan Coolsens - Sanders - Metsers -Cornillies - Engelbrecht.D’r is daar een kot toe Cornillies waar dat ’t zodanig geweldig verkeerde, dat ze er nooit beesten in zetten. Ze hielden dat voor de petattenkelder en ’t hing vol met medaillies. D’r hingen daar overal medaillies in al de koten als ik daar wrochte.
Beschrijving
De Tempeliers woonden in onderaardse gangen. Op de dag vóór Kerstmis kon men de processie bij het Tempeliershof zien uitgaan. Vaak liepen er ook paarden zonder kop rond. In de kelder was een put waarin men nooit dieren kon zetten omdat het er zo erg spookte. Het hele gebouw hing vol medailles.
Bron
W. Van Houcke, Leuven, 1970
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (houtland)
718
memoraat
Naam Overig in Tekst
Tempeliershof   
Kerstmis   
Tempeliers   
Tempelhof   
Naam Locatie in Tekst
Veldegem   
