Hoofdtekst
In Wenduine èj de zeemeerminne. In Wenduine bloeide de visscherie. ’t Was dor ’n voader die stierman was, en z’n zeune die ook stierman was. De zeune zei tegen z’n voader: "Voader, go no binnen, want ‘k èn de zeemeerminne hoaren schreeuwen”. Mo de voader zei: "Joengen, zwieg en moei je met je eigen gorpot (met je eigen zaken). De joengen kwam no beien (binnen) en ’t was storm. Da was de schuld van de zeemeerminne. Den helft van de visschers zien ton vergoan.
Beschrijving
In Wenduine woonden een vader en een zoon die allebei stuurman waren. Op een dag sprak de zoon tot zijn vader: "Vader, ga snel naar binnen want ik heb de zeemeermin horen schreeuwen!" De vader nam zijn zoon echter niet ernstig en zei: "Bemoei je met je eigen zaken!" De helft van de vissers zijn verdronken tijdens de storm die daarna opstak.
Bron
C. Dewaele, Leuven, 1967
Commentaar
1.1 Watergeesten
west-vlaams (oostkust)
25
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Heist   
Plaats van Handelen
Wenduine   
