Hoofdtekst
Hier in Biersel was ne scheper die alle avonden weg was. Als ie gegeten had, maakte ie zich weg. En op ne keer had ie weer iemand in de rug gezeten, die hem toch had kunnen kwetsen en toen hadden ze hem herkend. Ze gingen naar de pastoor om raad en die zagte dat ze naar ne band moesten zoeken. Ze zetten zijn kamer omver maar nergens was ne band te zien. Toen ging de boer in een soets kijken en daar lag de band. En als ie de band om had, was het ne weerwolf.
Onderwerp
SINSAG 0801 - Werwolf lässt sich tragen.   
SINSAG 0822 - Werwolf getroffen (geschlagen) nimmt wieder menschliche Gestalt an (und ist erlöst oder stirbt).   
Beschrijving
In Molenbeersel woonde een schaapherder die elke dag na het avondeten wegging. Op een avond was de schaapherder, die zich vaak als weerwolf op iemands rug liet dragen, gewond geraakt. Omdat de weerwolf daardoor zijn menselijke gedaante had aangenomen, had men de schaapherder herkend. De pastoor raadde de mensen aan om op zoek te gaan naar de halsband van de weerwolf. De herder had zijn halsband verborgen in een boomstronk.
Bron
T. Daniëls, Leuven, 1965
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (weert en omstreken)
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Molenbeersel   
Plaats van Handelen
Molenbeersel   
