Hoofdtekst
I En van de Bùrch ging ook het verhaal dat daar ook een gang zou zijn?4 Ja, dat is een gang. Dat zeiden ze vroeger ook. En dat zei die pendelaar ook direct. Toen we zo op het einde kwamen, toen zei hij: "Hier loopt ook een gang. Zo." I Die zou op ‘Triech’ gaan?4 Ja zo, meestal op ‘Triech’, ‘Eèmel’, ja dan ging je op ‘Triech’, op Kanne (aan). Maar nu moet je juist zien: als er ene geweest was, ja, dan was hij in het kanaal (= Albertkannal) uitgekomen. Of je komt in de berg in Kanne uit. Maar nu heb ik wel altijd horen vertellen - ja, vroeger hoorde je van alles: in het klooster in ‘Eèmel’, daar moet ook een gang geweest zijn, maar ze hebben die nooit gezien; die is toegeworpen. Heeft dat nu verbinding met dat of had dat verbinding met de berg in ‘Eèmel’? In ‘Eèmel’ is ook een berg, pas, hé! Groot, hoor!
Beschrijving
Onder de Burcht van Zichen-Zussen-Bolder zou een onderaardse gang zijn, die in de richting van Maastricht liep.
Bron
H. Schoefs, Leuven, 1996
Commentaar
4. Historische sagen
limburgs (groot-riemst)
4AA 153
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Burcht (Zichen-Zussen-Bolder)   
Naam Locatie in Tekst
Zichen-Zussen-Bolder   
Plaats van Handelen
Zichen-Zussen-Bolder   
Maastricht   
