Hoofdtekst
Vergauwe heeft een broere gehad, en je was nooit van niet benauwd. Maar asten naar huis kwam ’t tertte (trapte) daar altijd gelijk etwien (iemand) op zijn hielen, en ommekijken en niet zien he. De zweetdruppels stonden ’n helft van tijd (soms) zo dikke op z’n voorhoofd. En dat kwam altijd mee tot aan z’n deure en ’t verdween ton (dan) in ene keer. Je (hij) ging hij naar de geestelijkheid, want die vent en koste dat eigentlijk niet meer uitstaan (verdragen). En die geestelijken zei: heb je nog noois (nooit) niets beloofd, dat je niet gedaan hebt. Ja’k, zeiten (zei hij), van naar Ramskappel te gaan dienen en ‘k heb ’t niet gedaan. En je moeste hij van die geestelijken ’s nachts te twaalven naar ’t graf van z’n vader een kruisgebed lezen (bidden), heeft Vergauwe zelve tegen mij gezeid, en asten daar azo zat te lezen, je zag in ene keer een pauwenhane (pauw) gelijk in de lucht. J’is ton (dan) naar Ramskappel geweest, gaan dienen en ’t is ton (dan) gepasseerd. Dat tort (trapte) gelijk altijd van achter op z’n hielen. Bij zoverre datten niet meer ’s avonds doste (durfde) buitengaan. Die vent was dood van de schrik. Peist ekè, azo altijd een achter j’en hielen hebben.
Onderwerp
SINSAG 0402 - Die versäumte Wallfahrt (Messe, Gabe)   
Beschrijving
Een dappere man werd altijd door iets vreemds op zijn hielen getrapt wanneer hij naar huis ging. Een geestelijke vroeg de man of hij nooit iets beloofd had, waarop de man antwoordde: "Ja, ik heb beloofd om naar Ramskapel te gaan en ik heb dat niet gedaan". Van de geestelijke kreeg de man de raad om middernacht naar het graf van zijn vader te gaan en daar een kruisgebed te bidden. Terwijl de man zat te bidden, zag hij opeens een pauw in de lucht. Nadat de man in Ramskapel was gaan dienen, werd alles weer normaal.
Bron
J. Aspeslagh, Leuven, 1958
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (kamerlingsambacht)
117
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Ramskapel   
Naam Locatie in Tekst
Wilskerke   
Plaats van Handelen
Ramskapel   
