Hoofdtekst
’t Hè daar wa verdere of ’t kasteel ’n hofsteedje gestaan. Zuster Godelieve van ’t klooster hing olsan oldaar naar de kerke. En onderweg zag ze dikwijls entwat zwarts ip de bane, en ’t salueerde tot tegen de grond. En ze zei zij zere nen goendag, maar ze ’n wiste nie wa da da was. Menere Van Geldere, uze paster, zei: "Ge meugt nie meer voorsgaan voor de vuven (vijf uur). Da zijn zielen die misdaan hên binst den oorloge, en ge moet da g’rust laten os ’t nog zo vroeg is."
Onderwerp
SINSAG 0450 - Andere Tote spuken.   
Beschrijving
Een kloosterzuster die 's ochtends naar de kerk ging, zag onderweg iets zwarts dat tot tegen de grond salueerde. Hoewel ze niet goed wist wat dat kon zijn, zei de zuster goedendag. De pastoor sprak tot de zuster: "Vóór vijf uur mag je niet meer buitengaan. Dat zijn zielen die tijdens de oorlog iets misdaan hebben. Je moet die met rust laten als het nog zo vroeg is".
Bron
G. Speecke, Leuven, 1959
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (menen en omstreken)
143
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Moorsele   
Plaats van Handelen
Moorsele   
