Hoofdtekst
Dat is gebeurd ip d’hofstee van Jan Hagedoren in Roeselare. ’t Brandde en ze riepen de paster en de paster zei: "Ol die brandt go bluven branden, mo de reste zal niet branden" en je dei de wind draaien.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Toen op een boerderij in Roeselare brand woedde, zei de pastoor: "Al wat brandt, zal blijven branden, maar de rest zal niet door de vlammen worden aangetast". De pastoor deed de wind draaien, zodat de schade beperkt bleef.
Bron
H. Van Wassenhove, Leuven, 1967
Commentaar
west-vlaams (groot-roeselare)
281
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Roeselare   
Plaats van Handelen
Roeselare   
