Hoofdtekst
Mensen waren bezig met weven. Ze moesten een stuk lijnwaad af hebben voor ’s anderendaags, maar ze zeiden dat het niet avanceerde. Een Duitse schaper kwam daar voorbij. Hij zei dat hij hun werk voor morgen af zou maken, maar dat zij hem dan zoveel moesten geven, ’s anderendaags. Ze kwamen overeen. ’s Nachts hoorde de wever zijn getouwe werken. Hij ging kijken en zag een geitebok op ht getouwe zitten. ’s Anderendaags was het werk af en de schaper kwam om zijn beloning. “Ge hebt gij dat niet gedaan”, zei de boer, “’t was een geit.” “’t Is goed”, zei de schaper. Hij nam het lijnwaad, schutte (schudde) er aan en keten en inslag lagen uiteen.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Enkele mensen die aan het weven waren, moesten tegen de volgende dag een stuk lijnwaad klaar hebben. Het zag er echter niet naar uit dat dat zou lukken. Een Duitse schaper die daar voorbijkwam, zei dat hij het werk van de mensen tegen de volgende dag zou afmaken, maar dat hij dan een beloning wilde. Die nacht hoorde de wever zijn weefgetouw werken. Hij ging kijken en zag dat er een geitenbok aan zat. Toen het lijnwaad de volgende dag af was en de schaapherder zijn beloning vroeg, zei de wever: “Ik geef niets, want jij hebt het niet zelf gedaan”. “Het is goed”, antwoordde de schaper, en hij schudde eens met het lijnwaad, waardoor het helemaal uiteenviel.
Bron
M.-P. Kesteleyn, Leuven, 1964
Commentaar
2.2 Tovenaars
oost-vlaams (vlaamse ardennen)
415
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Duitse schaper   
Naam Locatie in Tekst
Etikhove   
