Hoofdtekst
Als ge van de mare bereên was, zat de mare eerst onder ’t bedde in de kloufen, zeien ze. En als ge ging slapen, dat kwam op u gesprongen. Dat begon aan uw voet en dat kwam altijd hoger en hoger. En als ge wilde hebben dat ge van de mare niet bereên waart, ge moeste ’n mes pakken en het op uw herte zetten.En ’t was hier ook ‘ne keer ’n vrouwe die altijd van de mare bereên was. En die vrouwe zei dat tegen heuren man. "Ja", zegt ze, "’k benne ‘k ik alijd van de mare berêen! Van wat zou dat toch zijn"? - "Ewel, wat zou dat zijn!" zegt ie. En ze peinsde: "’k Ga ‘ne keer dienen raad volgen dat ze mij gegeven hebben." Ze pakte ’n mes en ze zette dat mes op heur herte. En ze werd were van de mare berêen; en als dat aan heur herte kwam, ze hoorde ‘nen schreeuw… en de mare viel van ’t bedde.En als ze ’s nuchtends opstond, zag ze dat ’t heur’ne vent was!
Onderwerp
SINSAG 0291 - Mensch von Mahr beritten   
SINSAG 0798 - Mensch von Mahr beritten. Mahr wird verwundet; zeigt am folgenden Tag die Narbe.   
Beschrijving
Wanneer iemand 's nachts geplaagd werd door de maar, beweerde die persoon dat de maar eerst in de pantoffels naast het bed ging zitten om van daar op zijn slachtoffer te springen. Het slachtoffer voelde de maar dan bij zijn voeten omhoogkruipen. Wie zichzelf tegen de maar wilde beschermen, moest een mes boven zijn hart houden.
Een vrouw had al vaak aan haar man verteld dat ze 's nachts door de maar werd bereden. Op een nacht besloot ze de tactiek met het mes uit te proberen. Toen de vrouw dat deed, hoorde een luide schreeuw, waarna de maar uit het bed viel. De volgende ochtend stelde de vrouw vast dat het haar eigen man was.
Een vrouw had al vaak aan haar man verteld dat ze 's nachts door de maar werd bereden. Op een nacht besloot ze de tactiek met het mes uit te proberen. Toen de vrouw dat deed, hoorde een luide schreeuw, waarna de maar uit het bed viel. De volgende ochtend stelde de vrouw vast dat het haar eigen man was.
Bron
F. Van Houdenhove, Leuven, 1967
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (tussen schelde en leie)
113
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Anzegem   
