Hoofdtekst
Fatiha; Bij ons thuis is er een medium geweest. Er was een Nederlandse man en die wist echt alles, ik zweer het. Gewoon door in je ogen te kijkjen kon hij zeggen jij bent best wel slim of jij houdt hier niet van. Van die dingen die hij niet kon weten. Mijn moeder geloofde hem. Het bleek ook dat heel veel dingen uit hun verleden die wij niet eens wisten wist die man gewoon. Toen kregen we last met mijn broertje. Mijn opa was overleden, hij had een hartaanval gehad en daardoor kreeg hij een auto ongeluk.
Ilja; Oh, dat is erg.
Fatiha; Ja, ik was nog klein hoor, maar ik denk nog wel eens aan hem. Hij had heel veel last van zijn knieën. Hij had kapotte knieën door het werken. Toen gingen we een keertje uit eten voor mijn vaders werk en toen zaten we in een restaurant en ineens kijkt mijn broertje omhoog en zegt: "Kijk daar zit opa." Dus wij zeiden: "Doe niet zo gestoord." Maar hij zei: "Dat is echt opa." En in een keer begint hij keihard te schreeuwen. En wij vroegen: "Wat is er?" En hij zei: "Opa is heel boos op mij. Hij kijkt heel boos." Opa had ook van die grote wenkbrauwen die lopen toe. Dan lijkt het soms of hij boos zit te kijken. Mijn vader kreeg ook de kriebels en toen zijn we weggegaan. Toen iets van twee jaar later zaten we op dezelfde plaats en toen zag hij het weer en toen zijn we hem weer gesmeerd. Op een dag werd mijn broertje wakker en hij begon te gillen dat opa hem dood wou maken. En hij had mijn opa nog nooit gekend, want mijn opa was overleden voordat hij werd geboren. En op een nacht viel hij op zijn knieën en zei hij: "Au, mijn knieën doen pijn." Hoe kon hij dat nou weten, wat er toen is gebeurd. Toen kwam die man en die ging met mijn broertje praten. Toen werd er van die vieze rook gebrand in het huis. Hij ging kijken wat er aan de hand was. Zijn ogen gingen zo knipperen. Toe ging hij naar de tuin en in de hoek ligt een beetje rood op de grond, mijn moeder dacht altijd dat het verf was. Hij zei dat daar iemand in de Duitse oorlog was vermoord. Die geest was rond blijven zwerven. Heel veel van die dingen wist hij gewoon die hij niet kon weten.
Ilja; En heeft hij het ook opgelost?
Fatiha; Ja, hij heeft het verteld en hij heeft het huis gezegend of zo. Dat er niks ergs zou gebeuren, want er gebeuren heel veel rare dingen bij mij thuis.
Ilja; Maar heeft je broertje er daarna geen last meer van gehad?
Fatiha; Nee, helemaal niet meer. Hij weet niet meer wat er gebeurd is.
Ilja; Oh, dat is erg.
Fatiha; Ja, ik was nog klein hoor, maar ik denk nog wel eens aan hem. Hij had heel veel last van zijn knieën. Hij had kapotte knieën door het werken. Toen gingen we een keertje uit eten voor mijn vaders werk en toen zaten we in een restaurant en ineens kijkt mijn broertje omhoog en zegt: "Kijk daar zit opa." Dus wij zeiden: "Doe niet zo gestoord." Maar hij zei: "Dat is echt opa." En in een keer begint hij keihard te schreeuwen. En wij vroegen: "Wat is er?" En hij zei: "Opa is heel boos op mij. Hij kijkt heel boos." Opa had ook van die grote wenkbrauwen die lopen toe. Dan lijkt het soms of hij boos zit te kijken. Mijn vader kreeg ook de kriebels en toen zijn we weggegaan. Toen iets van twee jaar later zaten we op dezelfde plaats en toen zag hij het weer en toen zijn we hem weer gesmeerd. Op een dag werd mijn broertje wakker en hij begon te gillen dat opa hem dood wou maken. En hij had mijn opa nog nooit gekend, want mijn opa was overleden voordat hij werd geboren. En op een nacht viel hij op zijn knieën en zei hij: "Au, mijn knieën doen pijn." Hoe kon hij dat nou weten, wat er toen is gebeurd. Toen kwam die man en die ging met mijn broertje praten. Toen werd er van die vieze rook gebrand in het huis. Hij ging kijken wat er aan de hand was. Zijn ogen gingen zo knipperen. Toe ging hij naar de tuin en in de hoek ligt een beetje rood op de grond, mijn moeder dacht altijd dat het verf was. Hij zei dat daar iemand in de Duitse oorlog was vermoord. Die geest was rond blijven zwerven. Heel veel van die dingen wist hij gewoon die hij niet kon weten.
Ilja; En heeft hij het ook opgelost?
Fatiha; Ja, hij heeft het verteld en hij heeft het huis gezegend of zo. Dat er niks ergs zou gebeuren, want er gebeuren heel veel rare dingen bij mij thuis.
Ilja; Maar heeft je broertje er daarna geen last meer van gehad?
Fatiha; Nee, helemaal niet meer. Hij weet niet meer wat er gebeurd is.
Onderwerp
SINSAG 0477 - Begegnung mit Geistern.   
Beschrijving
Het broertje van de vertelster ziet in een restaurant en ziet daar zijn overleden opa die hij nog nooit ontmoet had. Twee jaar later gebeurt hetzelfde. Het gezin verlaat het restaurant en gaat naar huis. Het broertje weet dingen van zijn opa die hem nog nooit verteld zijn, zoals de pijn die hij had aan zijn knieen. Ook verteld hij dat opa boos op hem is. De vertelster denkt dat haar broertje dat denkt omdat opa nogal grote wenkbrauwen had, waardoor hij er vervaarlijk uit kon zien. De ouders besluiten er een medium bij te halen. Die man weet allerlei dingen die van mijn broertje zonder dat we daar iets over gezegd hadden. Hij ging naar de tuin en begon raar met z'n ogen te knipperen. Er lag ergens in de tuin altijd al een rode vlek. Mijn moeder dacht dat het verf was. Hij vertelde dat daar iemand was vermoord in de Tweede Wereldoorlog. We mmoesten in huis wierook branden en toen is het weer goed gekomen met mijn broertje. Hij weet er zelf niets meer van.
Bron
Bandopname (archief MI)
Commentaar
14 juni 2000
Begegnung mit Geistern
Naam Overig in Tekst
Tweede Wereldoorlog   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
