Hoofdtekst
Haavesboan Mechelen - Batsheers ligt een beemd, Doelveld genoemd. Vruuger stoend hai e groot klooster van de Tempeliers. Deze monnike leefden nie altaid wai het moest en dronken nog al gan wain (wijn). En het is doveur dat ze zin gestraft geweunen. Op ne keer begos het opeens fel te regenen en wel zo fel dat het klooster de grond inzonk. Aa minsen zaagten dat ze de Tempeliers soms onder de grond nog hebben heuren zingen.
Onderwerp
SINSAG 1145 - Die untergegangene Stadt; versinkt wegen des Übermutes der Bewohner.   
Beschrijving
Langs de weg van Mechelen naar Batsheers lag een moeras dat 'het Doelveld' werd genoemd. Vroeger stond daar een klooster van de Tempeliers. Omdat die monniken veel wijn dronken en een immoreel leven leidden, is het klooster in de grond gezakt. Sommige mensen beweerden dat ze de Tempeliers soms onder de grond hoorden zingen.
Bron
R. Jageneau, Leuven, 1965
Commentaar
4. Historische sagen
limburgs (borgloon)
552
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Tempeliers   
Naam Locatie in Tekst
Mechelen - Bovelingen   
Plaats van Handelen
Batsheers   
Mechelen   
Doelveld (tussen Mechelen en Batsheers)   
