Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

RCELI0097_0098_555 - Haas trekt loerjager aan zijn jas

Een sage (mondeling), 1954

Hoofdtekst

Toen dit gebeurd is, toen woonde ik nog op Zoetebeek. Daar zat 'ne rechte stroper, maar die is nu al lang dood. Die zat in Wijshagen 'nen haas te wachten. Het gong nog al goed. Hij had een poos gezeten; toen zag hij een stuk of twee, drie hazen spelen, maar ze waren te ver van hem af, hij kos er niet aan. Hij denkt: 'Da's niks, ze zullen seffens toch wel korter bij komen, dan heb ik ze.' Nog maar wachten ... Maar medeime was het zo wijd: daar kwam er hem ene met zijne jas trekken. Hij er vandoor. Hij vertelde dat tegen 'nen andere, maar die lachte daarmee. 'Waat zouet, det besteit neet.' En ten zei den andere: 'Kom maar mee, dan kunt ge het zelf zien.' Maar toen kwamen er twee, en ze trokken ze allebei aan hunne jas.

Onderwerp

SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.    SINSAG 0478 - Andere Erlebnisse; unbeschreibbare Spukerscheinungen.   

Beschrijving

Een man die in Wijshagen op strooptocht was, zag in de verte enkele hazen spelen. Hij bleef rustig zitten in de veronderstelling dat de hazen spoedig dichterbij zouden komen. Na enige tijd kwam één van de hazen de stroper aan zijn jas trekken om dan snel weg te lopen. De geschrokken stroper vertelde zijn bizarre verhaal aan een vriend, die hem uitlachte. Daarop nodigde de stroper zijn vriend uit om mee te gaan. Toen de twee mannen daar zaten, kwamen er twee hazen aan hun jassen trekken.

Bron

R. Celis, Leuven, 1954

Commentaar

1.4 Luchtgeesten
limburgs (bree en omstreken)
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Tongerlo    Tongerlo