Hoofdtekst
Die van dat heksel, waar ik u van verteld heb, die had een boekske. Dat moet hij vanzeleve van 'ne schipper gekregen hebben die voorbij kwam. De pastoor heeft hem daarvan af geholpen. Hij had gezegd dat ze den oven heet moesten stoken en het daarin gooien. Maar toen hij het er in gooide, stond die zwarte achter hem, den duivel. Kijk, die wou hem tegenhouwen. Maar toen was hij er toch van af. Zo gong dat ook met de band van de weerwolf. Maar de geestelijke moest hem eerst aangeraakt hebben, anders kosten ze hem niet kwijt worden.
Onderwerp
SINSAG 0753 - Zaubermacht gebrochen; Geistlicher verbrennt Zauberbuch.   
Beschrijving
Een jongen die van een schipper een toverboekje had gekregen, kreeg van de pastoor het advies om het boekje te verbranden in een oven. Toen de jongen het boekje in het vuur wilde gooien, stond de duivel echter achter hem. De duivel was helaas te laat om de jongen tegen te houden, zodat het boekje toch werd vernietigd.
Ook de halsband van een weerwolf moest verbrand worden nadat het voorwerp was aangeraakt door een geestelijke.
Ook de halsband van een weerwolf moest verbrand worden nadat het voorwerp was aangeraakt door een geestelijke.
Bron
R. Celis, Leuven, 1954
Commentaar
2.3 Toverboeken
limburgs (bree en omstreken)
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Neeroeteren   
