Hoofdtekst
Kabouters spitten 't land om tegen betaling.Daar was ene met zijn schop aan de grond bezig. Die legde daar een halve cent op en 's anderendaags was die hoek omgedaan.Kaboutermannekes! Alvermannekes, zeggen ze hè.
Beschrijving
Een man die met zijn schop aan het werk was, liet de schop achter en legde er een halve frank op. De volgende dag was het werk gedaan door de alvermannetjes. Dat waren kabouters.
Bron
B. Van Grieken, Leuven, 1965
Commentaar
1.2 Aardgeesten
antwerps (westerlo en omgeving)
12
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Herselt   
