Hoofdtekst
Beschrijving
Een klompenmaker reed met een kruiwagen vol klompen naar Halle. De man had altijd zijn mes bij, waar hij de klompen mee maakte, omdat hij onderweg vaak werd lastiggevallen. De man geraakte niet voorbij de toren in Lieferinge. Zijn kruiwagen werd omver getrokken en zijn hond werd bang gemaakt. Vooraleer de man zijn mes had gegrepen, was kludde alweer verdwenen. De klompenmaker had een knecht die vaak op bezoek ging bij zijn zus, die ten noorden van Aalst woonde. Als de knecht om negen uur vertrok, was hij om kwart over negen al op zijn bestemming. Hij hield zich met het kwaad bezig.
Bron
M. Reygaerts, Gent, 1971
Commentaar
2.2 Tovenaars
brabants (zuid-west)
134
Grootvader van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Vollezele   
Plaats van Handelen
Lieferinge   
Aalst   
Halle   
