Hoofdtekst
Het is mooi weer, hè, vandaag? Warm. Ik kom net van de ijssalon, Jumbolino, daar bij de Valkstraat, geloof ik. Daar werkt Mario. En ik krijg altijd iets extra's van Mario. Ik heb vier rietjes gehad. En die Mario, die vertelt toch altijd zulke leuke verhalen. Hij komt uit Zuid-Italië, uit het dorpje Alberobello. En daar heeft 'ie zulke rare verhalen, die 'ie daar vandaan heeft. En soms weet ik ook helemaal niet of het nou wèl of niet waar is. En de laatste keer had 'ie ook zo'n vreemd verhaal. Dat ging over twee mannen die vrienden met elkaar waren. En ze hadden elkaar beloofd, dat - wat er ook zou gebeuren - ze getuigen zouden zijn op elkaars bruiloft. Maar ja, wat gebeurde er? Eén van de twee vrienden ging plotseling dood. En die andere vriend die wist niet zo goed wat hij moest doen. Want ze hadden elkaar toch beloofd om op elkaars bruiloft te komen?
Hij ging naar zijn biechtvader en vroeg: "Wat moet ik doen? Mijn vriend is net dood."
De biechtvader zei: "Ga naar zijn graf toe en nodig hem gewoon uit. Dan merken we vanzelf wel, oftie op je bruiloft komt."
En dat deed 'ie. Hij liep naar het graf, ging er voor staan en vroeg: "Kom je op mijn bruiloft? Ik ga morgen trouwen. Je moet er bij zijn, hoor."
En de grond opende zich en de vriend kwam tevoorschijn. En hij ging mee. De volgende dag. Eerst gingen ze naar huis, toen naar de bruiloft. En die vriend, die bruidegom, die was toch zo nieuwsgierig hoe het nou toch was in het hiernamaals, waar 'ie vandaan kwam, maar hij durfde het niet zo goed te vragen. En de hele tijd wou 'ie het vragen. En aan het avondmaal durfde hij het nog steeds niet te vragen, terwijl hij toch naast zijn vriend zat.
Zijn vriend zei: "Ik moet weer terug. Loop je een klein stukje met me mee?"
Nou, dat vond de bruidegom wel moeilijk; hij was tenslotte net getrouwd en om nu al weg te lopen... Maar ja, heel eventjes dan! Vijf minuutjes! En hij liep met zijn vriend mee terug naar het graf.
En onderweg wilde hij de hele tijd vragen: Hoe is het nou in het hiernamaals? Ik ben zo nieuwsgierig. Hoe zou het daar nou zijn? Maar ja, hij durfde het niet. En toen stonden ze bij het graf en hij wilde zijn vriend gedag zeggen. Want hij zou hem nooit meer zien. Maar ja... Hij wist het nou nog steeds niet, dus hij dacht: ik moet het nou vragen.
En hij vroeg: "Hoe is het daar nou in het hiernamaals?"
De vriend zei: "Dat mag ik niet zeggen. Om dat te weten, moet je nu met me meegaan."
"Nou, dat kan eigenlijk niet. Mijn bruid zit daar te wachten, ik ben net getrouwd en dan meteen al naar het hiernamaals..."
[Publiek lacht]
Toch besloot 'ie om heel even mee te gaan. De grond opende zich weer en samen zijn ze naar beneden toe gegaan. En wat 'ie toen zag! Dat was zo mooi! En zo overweldigend! Dat had 'ie nog nooit gezien. Wat een prachtige kleuren, en geluiden, en beesten. En daar die boom! Daar zaten geen bladeren aan, daar zaten vogels op de takken. En toen 'ie naar beneden keek, zag 'ie dat 'ie in een soort rivier stond en hij proefde ervan... Hè? Het was wijn! Een rivier van wijn. O, wat was het hier mooi! En daar in de verte daar zag 'ie een soort feest; mensen die aan het zingen waren en die een soort koor samen vormden. Het was zo mooi, het was een koor. Hij bedacht zich ineens dat hij terug moest naar zijn bruid. Hij was nou toch zeker al wel tien minuten weg.
Maar die vriend zei: "Kom, we gaan nog even een stukje verder, daar is nog veel meer te zien, daar in die hoek, dat heb je nog helemaal niet gezien."
En toen 'ie daar stond, gebeurden er allemaal rare dingetjes om hem heen. Allemaal tinkeltankel-geluidjes, en die gingen helemaal over zijn lichaam en aaiden hem overal en kriebelden in zijn nek. Een heel gek gevoel; dat had 'ie nog nooit meegemaakt!
Toen opeens dacht 'ie: O ja, ik zou teruggaan. En hij omhelsde zijn vriend en ging terug. Uit de grond. Maar toen hij uit de grond stapte, en om zich heen keek, klopte er helemaal niets meer van. Toen hij het graf was ingegaan, waren de bomen zo klein: het was een nieuwe begraafplaats. En nu: de bomen die kwamen helemaal tot daar. Hele grote eiken. En toen hij hier net was, tien minuten geleden, toen waren er drie grafstenen, en nu was de hele begraafplaats vol met stenen! Was 'ie misschien het verkeerde graf uitgestapt ofzo?
[Publiek lacht]
Hij keek achter zich: jawel, het was wel de naam van zijn vriend. Het klopte dus wel. Hij begon echt aan zichzelf te twijfelen. Hij liep de begraafplaats over en toen zag hij ook allerlei dingen die helemaal niet klopten. D'r stonden opeens flats heel hoog, en die stonden er net nog niet tien minuten geleden. En over zijn hoofd kwam opeens een of ander heel vreemd ding dat heel veel lawaai maakte. Ja, de bruidegom wist niet dat dat een vliegtuig was... Wat moest 'ie doen? Daar liep een meneer. Hij zou het even gaan vragen.
"Meneer, ik ben hier toch wel in het dorpje Alberobello, hè?"
"Nou, zeg maar rustig stad," zei die meneer.
"Maar uh uh..."
Wat moest 'ie nou doen? Het enige wat 'ie herkende toen hij voor zich uitkeek, was de kerktoren. Die herkende hij nog, en daar ging hij recht op af. Hij liep direkt de kerk in naar de pastoor toe.
"Meneer pastoor, u weet zeker wel dat ik net getrouwd ben. Weet u waar mijn bruid is? En waar is al mijn familie? Waar is het feest?"
"Ik weet niet waar je het over hebt," zei de pastoor, "er is hier vandaag helemaal niemand getrouwd, en bovendien gisteren ook niet."
"Ja maar, dat moet! Denkt u nu even goed na! Ik kom net uit het hiernamaals; ik ben daar even geweest, en nu ben ik weer terug en ik wil naar mijn bruid toe."
"Nou, ik vind het een raar verhaal. Ik denk dat u een beetje in de war bent. Maar weet u wat? Gaat u even vragen bij de bisschop."
De bisschop? Ze hadden helemaal geen bisschop in Alberobello. Hij ging naar de bisschop. Toen hij het verhaal aan de bisschop had verteld, dat hij net uit het hiernamaals kwam, en dat dat tien minuten geleden was, ging de bisschop een lichtje branden.
"O, ik weet denk ik waar u het over heeft. Het doet me denken aan een verhaal dat ik heel lang geleden van mijn opa heb gehoord, toen ik nog klein was. Toen is er ooit een man geweest, die even ging kijken in het hiernamaals, en die is nooit meer teruggekomen. En die bruid is van verdriet gestorven."
Toen de bruidegom dat hoorde, viel hij op de grond: dood. En hij kon niet vertellen, wat hij in het hiernamaals gezien had.
[Applaus]
(Verteld in houtzaagmolen De Ster op zondag 24 september 2000)
Hij ging naar zijn biechtvader en vroeg: "Wat moet ik doen? Mijn vriend is net dood."
De biechtvader zei: "Ga naar zijn graf toe en nodig hem gewoon uit. Dan merken we vanzelf wel, oftie op je bruiloft komt."
En dat deed 'ie. Hij liep naar het graf, ging er voor staan en vroeg: "Kom je op mijn bruiloft? Ik ga morgen trouwen. Je moet er bij zijn, hoor."
En de grond opende zich en de vriend kwam tevoorschijn. En hij ging mee. De volgende dag. Eerst gingen ze naar huis, toen naar de bruiloft. En die vriend, die bruidegom, die was toch zo nieuwsgierig hoe het nou toch was in het hiernamaals, waar 'ie vandaan kwam, maar hij durfde het niet zo goed te vragen. En de hele tijd wou 'ie het vragen. En aan het avondmaal durfde hij het nog steeds niet te vragen, terwijl hij toch naast zijn vriend zat.
Zijn vriend zei: "Ik moet weer terug. Loop je een klein stukje met me mee?"
Nou, dat vond de bruidegom wel moeilijk; hij was tenslotte net getrouwd en om nu al weg te lopen... Maar ja, heel eventjes dan! Vijf minuutjes! En hij liep met zijn vriend mee terug naar het graf.
En onderweg wilde hij de hele tijd vragen: Hoe is het nou in het hiernamaals? Ik ben zo nieuwsgierig. Hoe zou het daar nou zijn? Maar ja, hij durfde het niet. En toen stonden ze bij het graf en hij wilde zijn vriend gedag zeggen. Want hij zou hem nooit meer zien. Maar ja... Hij wist het nou nog steeds niet, dus hij dacht: ik moet het nou vragen.
En hij vroeg: "Hoe is het daar nou in het hiernamaals?"
De vriend zei: "Dat mag ik niet zeggen. Om dat te weten, moet je nu met me meegaan."
"Nou, dat kan eigenlijk niet. Mijn bruid zit daar te wachten, ik ben net getrouwd en dan meteen al naar het hiernamaals..."
[Publiek lacht]
Toch besloot 'ie om heel even mee te gaan. De grond opende zich weer en samen zijn ze naar beneden toe gegaan. En wat 'ie toen zag! Dat was zo mooi! En zo overweldigend! Dat had 'ie nog nooit gezien. Wat een prachtige kleuren, en geluiden, en beesten. En daar die boom! Daar zaten geen bladeren aan, daar zaten vogels op de takken. En toen 'ie naar beneden keek, zag 'ie dat 'ie in een soort rivier stond en hij proefde ervan... Hè? Het was wijn! Een rivier van wijn. O, wat was het hier mooi! En daar in de verte daar zag 'ie een soort feest; mensen die aan het zingen waren en die een soort koor samen vormden. Het was zo mooi, het was een koor. Hij bedacht zich ineens dat hij terug moest naar zijn bruid. Hij was nou toch zeker al wel tien minuten weg.
Maar die vriend zei: "Kom, we gaan nog even een stukje verder, daar is nog veel meer te zien, daar in die hoek, dat heb je nog helemaal niet gezien."
En toen 'ie daar stond, gebeurden er allemaal rare dingetjes om hem heen. Allemaal tinkeltankel-geluidjes, en die gingen helemaal over zijn lichaam en aaiden hem overal en kriebelden in zijn nek. Een heel gek gevoel; dat had 'ie nog nooit meegemaakt!
Toen opeens dacht 'ie: O ja, ik zou teruggaan. En hij omhelsde zijn vriend en ging terug. Uit de grond. Maar toen hij uit de grond stapte, en om zich heen keek, klopte er helemaal niets meer van. Toen hij het graf was ingegaan, waren de bomen zo klein: het was een nieuwe begraafplaats. En nu: de bomen die kwamen helemaal tot daar. Hele grote eiken. En toen hij hier net was, tien minuten geleden, toen waren er drie grafstenen, en nu was de hele begraafplaats vol met stenen! Was 'ie misschien het verkeerde graf uitgestapt ofzo?
[Publiek lacht]
Hij keek achter zich: jawel, het was wel de naam van zijn vriend. Het klopte dus wel. Hij begon echt aan zichzelf te twijfelen. Hij liep de begraafplaats over en toen zag hij ook allerlei dingen die helemaal niet klopten. D'r stonden opeens flats heel hoog, en die stonden er net nog niet tien minuten geleden. En over zijn hoofd kwam opeens een of ander heel vreemd ding dat heel veel lawaai maakte. Ja, de bruidegom wist niet dat dat een vliegtuig was... Wat moest 'ie doen? Daar liep een meneer. Hij zou het even gaan vragen.
"Meneer, ik ben hier toch wel in het dorpje Alberobello, hè?"
"Nou, zeg maar rustig stad," zei die meneer.
"Maar uh uh..."
Wat moest 'ie nou doen? Het enige wat 'ie herkende toen hij voor zich uitkeek, was de kerktoren. Die herkende hij nog, en daar ging hij recht op af. Hij liep direkt de kerk in naar de pastoor toe.
"Meneer pastoor, u weet zeker wel dat ik net getrouwd ben. Weet u waar mijn bruid is? En waar is al mijn familie? Waar is het feest?"
"Ik weet niet waar je het over hebt," zei de pastoor, "er is hier vandaag helemaal niemand getrouwd, en bovendien gisteren ook niet."
"Ja maar, dat moet! Denkt u nu even goed na! Ik kom net uit het hiernamaals; ik ben daar even geweest, en nu ben ik weer terug en ik wil naar mijn bruid toe."
"Nou, ik vind het een raar verhaal. Ik denk dat u een beetje in de war bent. Maar weet u wat? Gaat u even vragen bij de bisschop."
De bisschop? Ze hadden helemaal geen bisschop in Alberobello. Hij ging naar de bisschop. Toen hij het verhaal aan de bisschop had verteld, dat hij net uit het hiernamaals kwam, en dat dat tien minuten geleden was, ging de bisschop een lichtje branden.
"O, ik weet denk ik waar u het over heeft. Het doet me denken aan een verhaal dat ik heel lang geleden van mijn opa heb gehoord, toen ik nog klein was. Toen is er ooit een man geweest, die even ging kijken in het hiernamaals, en die is nooit meer teruggekomen. En die bruid is van verdriet gestorven."
Toen de bruidegom dat hoorde, viel hij op de grond: dood. En hij kon niet vertellen, wat hij in het hiernamaals gezien had.
[Applaus]
(Verteld in houtzaagmolen De Ster op zondag 24 september 2000)
Onderwerp
AT 0470 - Friends in Life and Death   
ATU 0470 - Friends in Life and Death   
Beschrijving
Twee vrienden beloven op elkaars bruiloft te komen. Toch gaat een vriend dood, maar de ander nodigt hem niettemin op de trouwerij uit en hij komt uit het graf. Uit nieuwsgierigheid gaat de bruidegom even met de vriend mee naar het hiernamaals. Bij terugkeer blijken er vele tientallen jaren verstreken te zijn. De bruid is inmiddels gestorven van verdriet. De man sterft van schrik en heeft nog niet kunnen vertellen hoe mooi het hiernamaals is.
Bron
Verteld in houtzaagmolen De Ster op zondag 24 september 2000 (opname archief MI)
Motief
D2011 - Years thought days.   
Commentaar
24 september 2000
Friends in Life and Death
Naam Overig in Tekst
Jumboline   
Mario   
Naam Locatie in Tekst
Valkstraat   
Alberobello   
Italië   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:21
